Tadao Yamaguchi: ‘Geen slechte reiki, wel incomplete vormen’

Onlangs bezocht de wereldberoemde reikileraar Tadao Yamaguchi Nederland. Hij is de oprichter van de twaalfduizend studenten tellende internationale Jikiden-school voor traditionele reiki.

Tadao Yamaguchi (1955, Kyoto) interesseerde het aanvankelijk helemaal niet zoveel hoe reiki is ontstaan. Hij had reiki van zijn moeder geleerd en heeft er veel baat bij. Net als veel anderen. Maar omdat hij één van de weinige nog levende leraren is die in de lijn van overdracht dicht staat bij grondlegger Mikao Usui, krijgt hij vaak vragen over het verleden. Ironisch gezien, draait reiki juist om het hier en nu.

Onlangs was hij in Nederland voor een lezing over zijn school, Jikiden Reiki Kenkyukai. Wij spraken met hem over zijn methode en uiteraard over de reiki-geschiedenis. Het interview begon gelijk goed. Wat blijkt: er liggen nog enkele onbekende documenten uit de jaren twintig te wachten op publicatie!

Tadao Yamaguchi: ‘Het gaat om stukken die zijn gebruikt door bij Mikao Usui opgeleide leraren en die door de Gakkai aan mij ter beschikking zijn gesteld.’ De Gakkai is het oorspronkelijke reikigenootschap van Mikao Usui.

De datum van publicatie is nog onbekend en, ernaar gevraagd, lijkt Tadao Yamaguchi er ook geen haast mee te hebben. Frank Arjava Petter, een bekende reikimaster die bij het gesprek aanwezig is, verzucht: ‘Ik heb negen boeken over de reiki-historie geschreven, ik vind het nu ook wel goed zo.’

Of deze documenten veel nieuws bevatten, is de vraag. Toch zijn ze belangrijk om een zo volledig mogelijk beeld te krijgen van de oorsprong van reiki. Al was het maar om het verstrekken van onjuiste & onvolledige informatie en sektarisch denken, als eerder bij de Reiki Alliantie, te voorkomen.

Op zoek naar de bron

Binnen de Gakkai (voluit Shin Shin Kaizen Usui Reiki Ryōhō Gakkai) is de levende traditie nog in min of meer originele vorm beschikbaar. Het is echter een besloten vereniging, volgens Frank Arjava Petter enigszins vergelijkbaar met een vrijmetselaarsloge, waarvan de ongeveer driehonderd leden uitsluitend elkaar behandelen. Veel informatie komt er niet naar buiten.

Dit komt ook doordat het publiekelijk adverteren met of het praktiseren van reiki sinds WOII (mogelijk aanvankelijk vanwege banden met de vredesbeweging) strafbaar is in Japan. ‘Zelfs nu nog ga je in Japan de gevangenis in als ze je pakken’, lacht Frank Arjava Petter, ooit student nummer tien van Tadao Yamaguchi en nu Jikiden Reiki Dai Shihan.

Om deze reden, zijn we voor informatie over de authentieke methoden, behalve op enkele spaarzame documenten, aangewezen op mensen als Tadao Yamaguchi, die teruggrijpen op de pre-Gakkai periode. Naast Jikiden Reiki Kenkyukai, de school die hij met moeder Chiyoko Yamaguchi oprichtte, zijn er overigens nog de Reidō Reiki Gakkai (deze leringen zijn volgens Wikipedia bijna identiek aan die in de Gakkai) en de Kōmyō Reiki Kai (opgericht door een leerling van de moeder van Tadao Yamaguchi).

Tadao Yamaguchi leerde reiki via zijn moeder, die in opleiding was bij Chujiro Hayashi, een leerling van Mikao Usui die diens methode met toestemming vereenvoudigde. Tadao Yamaguchi stelt op zijn site dat Chujiro Hayashi als arts ‘bepaalde accenten legde’, bijvoorbeeld door het massage-onderdeel uit te werken.

De variant van Chujiro Hayashi, maar dan sterk versimpeld, aangepast aan de Amerikaanse situatie na WOII en aanvankelijk aangevuld met diverse fraaie verzinsels, is de westerse reiki zoals die nu wereldwijd door miljoenen wordt gepraktiseerd (Usui Reiki Shiki Ryh).

Sensei hield van sake

In een buurthuis in Hoensbroek, Limburg, zijn vandaag zo’n vijftig mensen uit het hele land bijeen gekomen om Tadao Yamaguchi te ontmoeten, een levende link met het verleden. Eerst zal Frank Arjava Petter vertellen over zijn jarenlange reiki-onderzoek. Via foto’s laat hij de exotische namen en plaatsen, die we kennen uit zijn boeken, tot leven komen.

We zien ondergelopen rijstvelden, halfhoge bergen en de tempel waar Mikao Usui zijn basisopleiding kreeg – er was geen school in het dorp waar hij opgroeide. ‘En in dit huis heeft Mikao Usui een groot deel van zijn jeugd doorgebracht.’ We kijken samen naar een lage houten winkel met achterliggend woonhuis.

Frank Arjava Petter, die al jaren reiki-reizen naar Japan organiseert, plaatst alles met humor in perspectief. We zien een foto van een groot bedrijf. ‘Mikao Usui komt uit een familie die eeuwenlang een sake-brouwerij heeft gehad, zoals deze. Dus nu weten we ook wat er onder de bult zit, die zich op de foto’s onder zijn gewaad aftekent’; de sensei hield wel van een glaasje.

Byosen belangrijkst

Daarna is het de beurt aan Tadao Yamaguchi. De man op wie we allemaal gewacht hebben, blijkt opvallend onopvallend. Door tientallen jaren beoefening heeft hij een buitengewone gevoeligheid, ook op afstand. Byosen, het snel en verfijnd waarnemen van energetische knelpunten van verschillende intensiteit, blijkt het onderwerp van zijn voordracht.

‘Iemand met meer ervaring heeft ook geen sterkere energie dan een beginneling, het verschil zit hem in het waarnemen van byosen. Hoe meer ervaring, hoe sneller en nauwkeurig verschillende knelpunten kunnen worden vastgesteld. Zonder het ervaren van byosen, is het geven van reiki als vissen in het donker’. Wat behandelaars en cliënten verder ervaren, bijvoorbeeld temperatuurwisselingen, is persoonlijk en niet van belang, aldus Tadao Yamaguchi.

Hij vindt het belangrijk om dit soort informatie te delen, ook om misverstanden te voorkomen. Nadat hij medio jaren negentig via westerse reikileraren voor het eerst hoorde over het bestaan en de sterke groei van reiki in het westen (via de Reiki Alliantie), richtte Tadao Yamaguchi in 1999 het Jikiden Reiki Kenkyukai op.

Het doel is om reiki vanuit ‘directe overlevering’ (Jikiden) te onderwijzen. Ter aanvulling zal op termijn ook een dvd met privé-opnames verschijnen waarop zijn moeder haar verhaal vertelt. Intussen telt de Jikiden-school van moeder en zoon Yamaguchi wereldwijd al zo’n twaalfduizend studenten, onder wie diverse leraren die mogen lesgeven in de ‘pure reiki methode’.

Alle reiki is goed

Tadao Yamaguchi: ‘Er is zijn geen slechte vormen van reiki. Wel zijn er vormen die niet compleet zijn. Daardoor zeggen sommige mensen dat reiki niet werkt. Dat is onterecht.’ Zo is bijvoorbeeld de behandeltijd bij sommige scholen te kort om veel effect te sorteren. Zelf behandelt hij mensen sinds 1965, voornamelijk op het hoofd en minimaal zestig tot negentig minuten per sessie.

Belangrijk bij reiki is je het veel doet en dat de behandelingen lang duren en regelmatig plaatsvinden, geeft hij aan. Tijdens zijn lezing geeft hij het voorbeeld van een vrouw die al genoteerd stond voor een operatie vanwege ernstig nierfalen.

Door deze cliënt bijna een half jaar dagelijks en langdurig te behandelen, bleek een operatie uiteindelijk niet meer nodig. ‘Haar (serum creatinine) waarde daalde van 5.9 tot 2.9.’ (Rond waarde 6 treedt uitval van de nieren op.) Tadao Yamaguchi: ‘Dat is toch een wonder!’

Wereldwijd hebben intussen ruim achthonderd soorten reiki het licht gezien, voortgekomen uit individuele inzichten, pragmatische behoeften en/of marketing-overwegingen. Binnen de ‘traditionele Japanse reiki’ zijn, zoals hierboven aangehaald, ook diverse scholen actief.

Verandering lijkt een constante, ondanks de behoudzucht. Is de stichter van het Jikiden Reiki Kenkyukai niet bang dat één van zijn leraren straks met eigen aanpassingen of met een eigen school komt? Eerder deed een student van zijn moeder dat al. Tadao Yamaguchi glimlacht: ‘Ik vertrouw erop dat het niet gebeurt’.

Comments Off

admin op 7 July 2011 in Religie & Spiritueel

Akasha, het verenigd veld en de menselijke ervaring

Met veel plezier keek ik uit naar ‘De Akasha Ervaring’ onder redactie van Ervin Laszlo (Ankh Hermes, 2010, 29,9 euro). Mijn verwachtingen werden waargemaakt, maar niet zoals ik gedacht had. Juist de mij onbekende schrijvers wisten me te raken met hun persoonlijke en soms heel herkenbare verhalen.

De basis van theorievorming in het boek is het verenigd veld. Dat is een volle ruimte, die universa voortbrengt die draaien om paren deeltjes en anti-deeltjes, en deze universa ook weer opslokt. Het verenigd veld vormt het potentieel voor gemanifesteerde krachtvormen als elektromagnetisme, zwaartekracht en de sterke en zwakke kernkrachten.

Het verenigd veld is vergelijkbaar met wat de oude Indiërs Akasha noemden. Een uitvloeisel van Akasha is de functie van ordenende bibliotheek met daarin alle vormen van gedachten, gevoelens, acties en ervaringen in ruimte-tijd. Je kunt hier toegang tot krijgen via eenheidservaringen dankzij de levensenergie (prana/chi/ki). Levensenergie zorgt ook voor de manifestaties of vormingen vanuit het verenigd veld.

Om het eenvoudig te zeggen: Akasha (de oermoeder) is het die (kinderen) voortbrengt dankzij de inwerking van de levensenergie (de oervader), uiteindelijk haar eigen manifestaties (kinderen) assimileert (opeet), maar de herinnering bewaart, om vervolgens opnieuw voort te brengen.

C.J. Martes, schrijfster, genezer en de vrouw achter de Akasha Field Therapy, beschrijft hoe ze voor het eerst heel bewust met het Akasha-veld in aanraking kwam. Ze vertelt dat ze rond haar vijfentwintigste depressief en agressief was. Ze voelde zich lusteloos en leefde, zoals ze dat zegt, in een schaduwwereld gevuld met leed uit eerdere jaren. Ze vocht voortdurend tegen zichzelf.

Op het dieptepunt hoorde ze een stem: ‘Je hebt geen pijn, je bent bezig te genezen.’ Martes dacht: dat kan ik niet alleen, dat genezen. Ze hief haar handen ten hemel, om het maar eens archaïsch te zeggen, en stelde zich open voor ‘eenieder die zou kunnen helpen’.

De kamer lichtte op, ze tintelde over haar hele lichaam, zag engelachtige wezens die haar probeerden te helpen en realiseerde zich dat deze altijd bij haar waren geweest. Dit noemt ze haar ‘ontwaken’.

‘Op slag werd mij alles duidelijk.’ Ze probeerde zich in te denken hoe genezen zou voelen en zag alles als een proces van heelwording, daardoor veranderde alles. ‘In korte tijd leerde ik meer over het leven dan in alle vijfentwintig jaar ervoor.’ Ook haar paranormale gaven uit haar jeugd ‘kwamen terug’.

Swami Kriyananda beschrijft in lijn daarmee hoe hij afstemming op het Akasha-veld leerde. Hij slaagde voor een lastig tentamen Grieks door zich resoluut voor te stellen: Ik ben een Griek. Hij stemde zich af op het Griekse bewustzijn, het bewustzijn waaruit de taal geboren was, en zei tegen zichzelf: ‘Nu wil ik in deze taal denken en ik accepteer de zinsbouw uit deze taal als goed en natuurlijk’, en slaagde vervolgens moeiteloos voor het tentamen.

Op deze wijze componeert de swami ook muziek in stijlen uit diverse cultuurgebieden. Hij biedt een gedachte aan het universum met zijn persoonlijke ‘formule’: ‘Als het moet worden gedaan, verleen mij dan toegang tot die specifieke “straal van kennis” die uitgaat van het Oneindige aangaande ongeacht wat er gedaan moet worden’.

Een andere zin die hij gebruikt: ‘Zelf kan ik het niet God, maar U kunt alles.’ Niet op de nederige katholieke manier van: ‘Ik ben niet waardig’ et cetera en ook niet trots, maar met een open hart.

Een andere waardevolle bijdrage aan het boek is van Christopher Bach, onder meer voormalig hoogleraar vergelijkende godsdienstwetenschappen. Hij ontdekte tijdens colleges er op den duur een groepsbewustzijn ontstond met achter de schermen een vorm van schoksgewijs meta-leren; studenten vingen als het ware het geleerde van anderen op en konden daardoor sneller door de stof.

De voorwaarden hiervoor zijn, concludeert Bach: een collectieve intentie, gefocust zijn in het kader van een emotioneel-sympathisch groepsproject, een project van langere duur en veelvuldige herhaling van het project in nagenoeg dezelfde vorm.

Maria Sági, gepromoveerd in de psychologie, gaat ook uit van de informatie-component in Akasha en gebruikt deze om op afstand diagnoses te stellen en te genezen. Ze stuurt en ontvangt ‘informatie’. Dat betreft vermoedelijk symbolen, waarvan de werking ook omgekeerd of geblokkeerd kan worden. Bij diagnose en behandeling gebruikt ze een combinatie van technieken van Erich Körbler (die werkte met een enkelvoudige pendel, de tensor, en een pendelkaart) en eigen methoden.

Uit wetenschappelijk onderzoek naar haar genezingsmethode met informatie blijkt dat haar hersenen lage deltagolven uitzenden en dat de hersenen van de patiënt in de test, met een vertraging van ongeveer twee seconden, hetzelfde golfpatroon dupliceerden. Ondertussen traden bij de patiënt de symptomen in verhevigde vorm op, daarna stabiliseerde diens toestand jarenlang.

Een samenvattende bijdrage komt van Masami Sainoji. Zij schrijft: ‘De gedachten, woorden en emoties die mensen van moment tot moment uitzenden, vormen een constante energiestroom die uitgaat van het lichaam en scheppingsvelden vormt welke zichtbaar zijn in allerlei kleuren, vormen en gedaanten.’

‘(…) Gedachten met een overeenkomstige frequentie verenigen zich tot een homogeen creatief veld rond de persoon die ze uitzendt. Als de verzamelde energie (…) een kritische massa bereikt en zich een uiterlijke omstandigheid voordoet die deze activeert, manifesteert zij zich in deze of gene vorm in het zichtbare domein.’ Bijvoorbeeld een gebeurtenis, een situatie, een ontmoeting met een persoon of woorden die iemand leest of hoort of opeens in zijn geest opduiken. ‘Daarna is het persoonlijke scheppingsveld uitgeput.’

De scheppingsvelden ontstaan door vereniging van gedachten. ‘Naarmate dit scheppingsveld verder blijft groeien, gaat het een steeds sterkere invloed uitoefenen op zijn wil, keuzes en gedragingen.’ Dus het krijgt een soort basale vorm van evoluërend bewustzijn. Hoe groter die velden zijn, des te sterker ze reageren op de gedachten die uitgaan van mensen op uiteenlopende plaatsen.

Masami Sainoji licht dit toe met een voorbeeld van een vrouw die jarenlang geringschattend over zichzelf dacht. ‘Elke keer als zo’n gedachte in haar geest opkwam, leidde dat tot de komst van overeenkomstige soorten energie uit grootschalige collectieve scheppingsvelden. (…) De instroom van deze energie dompelde haar onder in een toestand van intens verdriet.’

De remedie die Sainoji bedacht voor deze vrouw was positieve zelfbevestiging: ‘Gelouterde X, spirituele X. Hoe kunnen we jou bedanken? Moge er vrede op aarde zijn. Namens de mensheid bedanken wij de liefde van het universum voor het gelouterde bestaan van X.’

Samenvattend: als mensen zijn we als een mobiele telefoon voortdurend in contact met het netwerk. We ontvangen en zenden de hele tijd. Je denkbeelden en ontvankelijkheid bepalen de kanalen waarop je je afstemt. Door die afstemming heb je bewust of onbewust invloed op de ervaringen in je leven.

Na bewustwording hiervan, kun je je op andere kanalen afstemmen, zodat ook je leven verandert. Je wordt meer jezelf. Zo kun je genezen, en leren, spelen en creëren in jou voorheen ‘vreemde’ domeinen. Als je dat met andere mensen doet en herhaalt, kun je een gezamenlijk veld scheppen waardoor je samen sneller leert, ook van elkaar, door het toenemend bewustzijn van het collectieve veld.

Comments Off

admin op 15 July 2010 in Boek & Meer, Religie & Spiritueel

Mikao Usui: verlichting na faillissement

De geschiedenis en praxis van reiki leken tien jaar geleden vast te staan. Niets bleek minder waar. In 2009 verscheen ‘Das ist Reiki’ van Frank Arjava Petter (Windpferd). Met dit boek zijn we weer een belangrijke stap verder in het onderzoek naar de achtergronden, methoden en personen uit de beginperiode van reiki, intussen bijna een eeuw geleden.

Een aantal zaken was vanaf eind jaren negentig al duidelijk uit research van onder anderen Frank Arjava Petter, Dave King en William Lee Rand. Zo was Mikao Usui, de stichter van de reiki-beweging, geen christelijke predikant die wilde leren hoe Jezus Christus mensen genas en die doceerde aan de Doshisha Universiteit in Tokyo. Ook heeft hij niet gestudeerd aan of een eredoctoraat gekregen van de Universiteit van Chicago.

Dit waren, evenals de titels ‘master’ en ‘grand master’, bedenksels uit de Hawaiiaanse lijn Chujiro Hayashi – Hawayo Takata. Ze bleken nuttig voor de acceptatie van een Japanse heelmethode in de christelijke Verenigde Staten toen ‘Pearl Harbor’ nog vers in het geheugen lag, maar hadden geen historische basis.

Mikao Usui heeft ook geen onbekende uitspraken van de historische boeddha gevonden en reisde evenmin naar de VS en Europa. Met ‘het westen’ op zijn gedenksteen worden vermoedelijk direct westelijk van Japan gelegen landen bedoeld.

Uit het nieuwe boek van Frank Arjava Petter blijkt verder dat het westerse master-symbool in Japan niet gebruikt wordt. Dit laatste is waarschijnlijk gekomen door een verkeerde interpretatie van Hawayo Takata.

Invloeden

Wat weten we zeker? Mikao Usui was een boeddhist die 15 augustus 1865 is geboren in een dorpje bij het hedendaagse Nagoya. Hij stierf 9 maart 1926 en ligt begraven op de Saihoji begraafplaats in Tokio, die behoort tot het Zuiver Land-Boeddhisme (Jodo Shu).

Wat is er te zeggen over de bronnen waaruit Mikao Usui heeft geput? Bronwen en Frans Stiene noemen in 2005 Tendai Mikkyô, een esoterische tak van het Tendai Boeddhisme. Mikao Usui was volgens hun bronnen lekenpriester binnen deze stroming.

Verder zou hij zijn beïnvloed door het Shintoïsme, een animistische wereldvisie, en door Shugendô, een amalgaam van Sjamanisme, Shintoïsme, Taoïsme en Boeddhisme. Usui zou zijn opgeleid tot Shugenja (een soort sjamaan).

Andere bronnen, bijvoorbeeld van Frank Arjava Petter, geven over de relatie met Shinto en Shugendô weinig informatie. Vast staat wel dat Mikao Usui samen met zijn broers na de Kanto-aardbeving in 1923 voor het lokale Shinto-heiligdom in Taniai een kostbare Torij heeft opgericht. De namen van de schenkers staan erop vermeld.

En de eerste samenkomst van de primaire reikivereniging, de Gakkai, vond plaats op het terrein van Shinto-heiligdom Togo Jinja in Tokyo, aldus Frank Arjava Petter in zijn nieuwe boek.

Gakkai

Deze vereniging is belangrijk om even bij stil te staan, want hier is veel informatie uit de beginperiode bewaard gebleven. Schriftelijk en uit mondelinge overlevering.

De Gakkai werd in 1922 opgericht, heette voluit Shin Shin Kaizen Usui Reiki Ryôhô Gakkai en had Mikao Usui als president. Na diens dood in 1926 aan een beroerte, werd hij opgevolgd als president, maar niet door zijn student Chujiro Hayashi, zoals Hawayo Takata leerde.

Chujiro Hayashi stichtte – vanwege zijn opleiding tot arts én op verzoek van Mikao Usui, zo blijkt uit het boek van Frank Arjava Petter - een eigen school (Hayashi Reiki Kenkyukai). Deze kende een sterk vereenvoudigd curriculum. Na opnieuw diverse aanpassingen zijn de leringen hiervan via Hawayo Takata bekend geworden als de westerse ‘reiki’ (Usui Reiki Shiki Ryôhô).

Bronnen

De oorspronkelijke Gakkai bestaat nog steeds en wordt sinds 1998 geleid door professor Masayoshi Kondo. Ondanks het besloten karakter ervan, is er sinds begin deze eeuw al veel informatie over naar buiten gesijpeld.

Bekende bronnen zijn Hiroshi Doi, die in 1993 lid werd van de Gakkai en intussen een op hun technieken gebaseerde eigen school heeft (Gendai Reiki Hô).

Daarnaast is er mevrouw Suzuki San. Zij is (in 2005) een stokoude leerlinge van Usui uit de pro-Gakkai periode en is, naast anderen, een belangrijke bron voor Bronwen & Frans Stiene.

Andere prominenten achter de schermen van de reiki-geschiedschrijving zijn de (intussen overleden) Chiyoko en haar zoon Tadao Yamaguchi, die voortkomen uit de lijn van Hayashi en in 1999 de basis legden voor een eigen school (Jikiden Reiki Kenkyukai).

Frank Arjava Petter baseert zich op de verhalen, documenten en boeken van diverse mensen, onder anderen van mevrouw Kimiko Koyama; de voorlaatste president van de Gakkai (Fumio Ogawa); een Shihan (leraar) van de Gakkai, en op moeder & zoon Yamaguchi.

Veelzijdig

Wat is het plaatje als we alle informatie op een rij zetten? Mikao Usui was een veelzijdig man. Kimiko Koyama vertelde Frank Arjava Petter dat Mikao Usui als journalist werkte, maar ook als geestelijk raadsman in een gevangenis, sociaal werker en als missionair van een Shinto-groep.

Vervolgens werd hij secretaris van de kleurrijke en visionaire politicus Shimpei Goto, die in Japan diverse ministersposten heeft bezet. In de jaren twintig was Shimpei Goto burgemeester van Tokyo. Rond die tijd heeft Mikao Usui vermoedelijk zijn reizen naar ‘het westen’ gemaakt.

Na zijn baan bij Shimpei Goto ging Mikao Usui als zelfstandig ondernemer aan de slag, waarschijnlijk in het familiebedrijf (een winkel). Dat was geen succes. Mogelijk ligt hierin een oorzaak van de breuk met zijn ooit rijke (Daimyo) familie, waarvoor in het boek van Frank Arjava Petter geen reden wordt gegeven.

Het debacle in het bedrijf heeft in elk geval grote persoonlijke impact gehad. Reiki is volgens Kimiko Koyama ontstaan uit een identiteitscrisis die Mikao Usui ervoer nadat zijn bedrijf failliet was gegaan.

Verlichting

Mikao Usui zocht vervolgens naar de zin van het leven en diepe innerlijke rust, en schreef zich in voor een driejarige meditatie- en vastenkuur in een zentempel in Kyoto. Het was toen gebruikelijk voor mannen om op een bepaald stadium in hun leven een korte bezinningsperiode in te lassen.

Na de drie jaar had Mikao Usui niet het gewenste inzicht gekregen. Hij vroeg zijn abt om raad en die zag voor deze in meditatie getrainde zoeker maar één oplossing: de dood ervaren om in het sterfproces zichzelf te vinden. De historische boeddha, Gautama Siddharta, zou ook deze weg zijn gegaan.

In maart 1922 begon Mikao Usui met het laatste deel van zijn queeste op de heilige berg Kurama, vermoedelijk ver van de platgetreden paden en zonder de mensen van de tempels op de berg te informeren.

Mogelijk volgde hij hierbij het programma van Isyu Guo, een eenentwintigdaagse boeddhistische training, bestaand uit meditatie, vasten, chanten en bidden. Deze training werd in de tempels op Kurama indertijd niet aangeboden.

Op een dag werd hij ’s avonds als door een bliksemschicht getroffen in zijn voorhoofd. Mikao Usui verloor bewustzijn en tijdsbesef en toen hij weer bij kwam, was hij vervuld van een nieuwe kracht. Hij voelde zich vol licht en energie.

(Een ervaring die wellicht vergelijkbaar is met de indertijd meer voorkomende inbezitneming door een godheid bij Shinto-groepen. Mensen die dat overkwam, stichten vaak een spirituele groep of beweging.)

Een maand na zijn verlichting gaf Mikao Usui al les in zijn methode om via de geestkracht van het universum innerlijke rust en verlichting te bereiken.

(Dit artikel is in december 2011 herschreven, in 2010 verscheen een eerdere versie in Koorddanser.)

Comments Off

admin op 14 June 2010 in Boek & Meer, Religie & Spiritueel

Jezus, gijzelaar van het christendom

Als er iemand is die ik graag eens zou willen interviewen, is het Jezus, de man die in de loop der eeuwen een enorme gedaanteverwisseling lijkt te zijn ondergaan. Wie was hij en vooral wie was hij niet? Zijn invloed, of in elk geval de invloed die in zijn naam is uitgeoefend, is enorm. Maar waar is deze op gebaseerd?

Historische onderzoekers anno 2010 moeten zich vaak als archeologen door diverse lagen ‘geloofsfeiten’ heen werken die religie heeft achtergelaten (fysieke opstanding na de dood et cetera). Verhalen die mensen van de eigen gemeenschap(pen) inzicht bieden en op de juiste weg houden. En verhalen die aansluiten bij een werkelijke of gewenste politieke situatie vanwege het maatschappelijke belang van de eigen groep.

In oktober 2009 verscheen in Nederland bij Tirion Uitgevers het boek ‘De vele gezichten van Jezus Christus – Beeldvorming, tegenstellingen, (on)waarheden’ van Lynn Picknett en Clive Prince (29,95 euro). In deze goed gedocumenteerde baksteen bieden ze een modern perspectief op Jezus, gebaseerd op recente (vaak onorthodoxe leken-) studies van de afgelopen jaren en van ander, in theologische kringen meer geaccepteerd, onderzoek.

Dit boek is slechts één weg door de materie. Als leek, niet geheel doorwrocht in theologische en andere relevante kennis, is het lastig om op punten te zien in hoeverre weerleggingen mogelijk zijn met mogelijk meer ‘wetenschappelijke’ autoriteit. Bijvoorbeeld als het gaat om contextuele interpretatie van begrippen en gebruiken, met name uit het Joodse en het Griekse geloof, maar ook uit vanuit smeltkroes Alexandrië ingepast gedachtegoed.

Toch is dit boek heel waardevol, omdat het laat zien hoe functionele illusies ontstaan en voortdurend in verandering zijn. Een boek als dit zal door de orthodoxie worden doodgezwegen of verworpen, terwijl deze het als een geschenk zou moeten aanvaarden. Een geschenk, dat het mogelijk maakt dat het christendom zich verjongt en opnieuw een betekenisvol geloof wordt voor mensen van nu. Terug naar de spirituele kern, die er ongetwijfeld is en waarvoor een geheime brief van Clemens van Alexandrië duidelijke aanwijzingen geeft.

Het boek is te veelomvattend om hier recht te doen. Toch wil ik een aantal punten aanstippen. Volgens de auteurs, die hier onder anderen Burton Mack volgen, wordt het ontstaan van de evangeliën gekenmerkt door twee cruciale en traumatische incidenten in de jaren zestig van onze jaartelling. Het verdwijnen van Paulus uit het verhaal doordat hij naar verluidt stierf tijdens de eerste christenvervolgingen in 64 door Nero en de Joodse Opstand tussen 66 en 70. Beide zaken zorgden voor zelfreflectie op het imago en een gedwongen herpositionering. Christenen konden alleen overleven als ze afstand namen van de rebellerende joden.

Deze twee gebeurtenissen kunnen ook invloed hebben gehad op het ontstaan of versterking van de scheiding tussen een exoterische en een esoterische leer. Voor dat laatste is de vondst van Morton Smith in 1941, een kopie van brief van Clemens van Alexandrië waarin wordt gerept over een spiritueel evangelie en een inwijdingsleer verborgen achter zeven sluiers (chakra’s?) die tegenwoordig als authentiek wordt beschouwd, een sterk argument. Verder zijn ook in de evangelieverhalen en natuurlijk in het evangelie van Thomas diverse aanwijzingen te vinden dat niet alle leringen in de openheid plaatsvonden.

Daarnaast, zo blijkt steeds meer, speelde een klaarblijkelijke rivaliteitskwestie tussen discipel Jezus en zijn goeroe, de destijds veel bekendere en voor Herodes vanwege zijn enorme aanhang als bedreiger van de sociale orde beschouwde Johannes de Doper. Die leidde ertoe dat Jezus schijnbaar (een groot deel van) de beweging van De Doper overnam en delen van diens rituele teksten en gebruiken overnam of omwerkte.

De missie van Jezus begint ook grotere vormen aan te nemen tijdens de gevangenname van De Doper. Als je het cynisch wilt zien, een uitgekiende periode voor een geleidelijke religieuze paleisrevolutie. Dat vermoeden wordt gesterkt, doordat de schrijvers via diverse theologen argumenten aanvoeren waaruit de sterke indruk ontstaat dat Johannes de Doper Jezus nooit als zijn opvolger heeft gezien.

De beweging van de De Doper en later van Jezus (die de oude wijn (leringen) niet meer in de vorm van Johannes en zijn beweging wilde gieten en daarom als ‘de gemene priester’ een nieuwe zak maakte) is volgens de schrijvers mogelijk voortgekomen uit Alexandrië (denk aan de uittocht-hypotheses van Feather, Osman en Sabbah) en landde in Samaria, waar deze, de schrijvers baseren zich hier onder meer op het onorthodoxe onderzoek van Shimon Gibbon naar de vermeende grot van Johannes de Doper in Suba, al zeker zo’n zevenhonderd jaar voor onze jaartelling actief zou zijn geweest.

Interessant genoeg, had deze Samaritaanse beweging (Jezus wordt in het Nieuwe testament voor Samaritaan uitgescholden en weerlegt dat niet, ook zijn concurrent de tovenaar Simon Magus was een Samaritaan) een cultus waarbij voetwassing minstens zo belangrijk lijkt te zijn geweest als de doop (vergelijk ook de rituele voetwassing van de paus tijdens Pasen; in dat geval zou Johannes de Doper zijn leerlingen de voeten hebben gewassen als teken van nederigheid). Invloed van ‘heidense’ dooprituelen is verder niet zo vreemd, want Jezus’ werkveld was een vrij kosmopolitische omgeving - anders dan jaren geleden werd aangenomen.

In het boek worden de klassieke elementen uit het christelijke stripverhaal, een vereenvoudigde voorstelling van zaken voor de buitenste ring van (licht)gelovigen, punt voor punt besproken. Het is bekend dat Jezus na zijn dood groter gemaakt werd om zijn beweging sterker te maken en meer legitimiteit te geven. Bijvoorbeeld door hem tussen de regels door, maar uiteraard niet openlijk vanwege de rebelse implicaties daarvan, te vergelijken met de keizer (Carotta geeft hiervan enkele overtuigende voorbeelden, maar schiet vervolgens geheel door in zijn behoefte om zijn vooronderstelling, dat Jezus een Romein was, harder te maken).

Een voorbeeld dat niet zo bekend is, is de aankondiging van de geboorte van Jezus door de magi. Picknett & Prince veronderstellen dat dit verhaal vermoedelijk is geleend van een goed gedocumenteerde historische gebeurtenis, namelijk het bezoek van de Parthische koning Tiridates van Armenië en zijn drie zonen aan Nero in 66 om hem te vereren als hun God (in hun geval Mithras, de God die interessant genoeg ook met opstanding wordt geassocieerd). Dit als verzoeningsgebaar vanwege het einde van de lange strijd tussen Rome en de Parthen.

Een ander voorbeeld, is het wonder waarbij water in wijn wordt veranderd. (Dit wonder betreft mijns inziens, gebaseerd op de uitleg van de schrijvers hierboven van de gelijkenis over de wijnzakken, een bekerings- of inwijdingsverhaal; de transformatie van ongelovige in gelovige staat centraal). Ze wijzen erop dat de Griekse God Dionysus (Bacchus bij de Romeinen) om dit soort wonderen bekend stond.

Zo werden door zijn invloed lege en verzegelde vaten ineens vol wijn aangetroffen en werd jaarlijks in Sidon tijdens zijn jaarlijkse feest het verhaal verteld dat hij water in wijn veranderde. Volgens Witherington III, stellen de schrijvers, werd het wonderverhaal in Kana vroeger in de kerk werd voorgelezen op 6 januari, de oude datum van het feest van Dionysus.

Onvermijdelijk in een boek als dit, komt ook het fascinerende verhaal van Jezus de magiër aan bod. En inderdaad, hiervoor zijn diverse aanwijzingen, onder meer bij (alweer) Morton Smith (parallellen met Egyptische tovenarij en John Hull (parallellen met Griekse tovenarij). Misschien moest hij Jezus ook wel dat soort technieken gebruiken (misschien wel inclusief enkele goocheltrucs voor de eenvoudigen van geest) om niet uit de toon te vallen en meer aanhang te verwerven. (Zo zie je dat veel mediums tegenwoordig hetzelfde praten en doen in navolging van bekende tv-mediums en -healers. Bepaald gedrag gaat bij de professionele verschijning horen).

Duidelijk is dat Jezus door externen soms als bezetene of als iemand met een geknechte werkgeest (demon), werd gezien en dat hij gebruik maakte van ‘magische’ formules (het Griekse ‘Phimotheti’ bijvoorbeeld) en dito handelswijzen (energie doorgeven door te blazen en op afstand genezen; beide handelswijzen zijn overigens gebruikelijk binnen reiki). Vooral het gebruik van buitenlandse technieken, die het vereren van andere goden impliceren, zou hem kwalijk zijn genomen door de Joden van zijn tijd.

De vraag bij al dit soort zaken, is in hoeverre Jezus zelf door exotische zaken is beïnvloedt en in hoeverre dit achteraf er (in omgewerkte vorm) aan de haren is bijgesleept. Al dan niet door reli-spindoctor Paulus en anderen. Verder is de sterke buitenlands religieuze/spirituele invloed schijnbaar strijdig met het Joodse messiasbeeld (daarvan waren indertijd diverse varianten en er zijn tekstuele sporen dat Johannes door velen als de messias werd gezien en Jezus aanvankelijk helemaal niet) en de verwachte eindtijd (die schijnbaar voor de deur stond, maar later uiteraard moest worden bijgesteld om het uiteenvallen van de beweging te voorkomen).

Of er is een middenweg; de beweging was exotisch en relatief geïsoleerd, maar toch verspreid en beïnvloedt door de mensen, geloven en omstandigheden in het gebied waar De Doper en Jezus actief waren of via via contacten hadden. De schrijvers pleiten hiervoor, door te wijzen op nog niet veel genoemde linken met Samaria, die ze verspreid in hun boek met argumenten onderbouwen.

(De Esseense beweging, met contacten in Egypte, zou ook in zo’n profiel passen, maar ik neig nu, vanwege de sterkere aanwijzingen in de bijbelboeken, naar de Samaritaanse insteek. Misschien sluit het één het ander niet uit, zoals er nu ook veel onderlinge contacten bestaan tussen uiteenlopende groepen).

De vermeende spirituele erfenis van de beweging waar Johannes de Doper en (oorspronkelijk, vermoeden de schrijvers, ook) Jezus deel van uitmaakten, bij de Mandeeërs, wordt ook aangehaald. Jezus komt in één van hun geschriften voor als de spreekwoordelijke Judas in het Johannes de Doper-verhaal. Er lijkt zelfs sprake van wat nu in de VS ‘identity theft’ wordt genoemd. Jezus meet zich de kenmerken van Johannes de Doper toe, de eerstgenoemde wordt de messias die voorspeld was en niet Johannes de Doper.

Een citaat uit het Mandese Boek van Johannes (geciteerd in Maccoby, 1992): ‘Jezus Christus komt, in alle nederigheid, wordt gedoopt met de doop van Johannes en wordt wijs door de wijsheid van Johannes. Vervolgens verdraait hij het woord van Johannes en verandert de doop van de Jordaan, waarbij hij de woorden van de kusta (belangrijke rituele groet en handdruk) aanpast en slechtheid en valsheid in de wereld roept.’

Als dat laatste al gebeurd is - ook het Boek van Johannes is door de mensen erachter natuurlijk een boek met een missie - blijft de vraag hoe ’slecht’ dat nou is. Slecht voor de gelovigen van de club die het heeft opschreven, maar de mens met zijn neigingen en God / het goddelijke met zijn eigenschappen, veranderen vermoedelijk niet zoveel. Dus de essentie zal altijd blijven bestaan en biedt de mens altijd aanknopingspunten.

Verhalen wordt steeds opnieuw verteld, afhankelijk van hun context. Om ze begrijpelijk te maken en om in te spelen op actuele en/of gewenste ontwikkelingen.  Er lijken zich daarbij overigens herhalende patronen af te tekenen, vergelijkbaar met de filosofie achter filmtrilogie The Matrix. Alles en iedereen wordt voortdurend herbenoemd en opnieuw verbonden. Met de huidige inzichten, ook uit het hier besproken boek, kan Jezus in dat verband worden gezien als een gijzelaar van het christendom.

Een interview met de historische Jezus anno 2010 zou heel interessant kunnen zijn om helderheid te verschaffen over de beeldvorming van zijn tijdgenoten, maar misschien zou ik er wel helemaal niet veel van begrijpen, gewend als ik ben aan de verhalen die eeuwenlang verteld zijn. En dan nog, zou het wat veranderen aan de kerk als instituut? Dat zou wel mooi wezen. Dan wordt het weer ‘de stralende religie’ of ‘de lichtreligie’ zoals de Jezus-beweging genoemd werd in het China van de eerste eeuw van onze jaartelling.

Comments Off

admin op 29 April 2010 in Boek & Meer, Religie & Spiritueel

Wetenschappelijke bewijzen voor de werking van reiki

Wat zegt de westerse wetenschap over de werking van reiki en andere vormen van energetische genezen? Meer dan je zou verwachten. In dit artikel zetten we de belangrijkste onderzoeken en conclusies op een rijtje. (Dit artikel is volledig herzien in september 2009, een pdf-versie met actieve linken naar de onderzoeksresultaten is te vinden op www.reikido.nl).

Een overzicht van redenen waarom alternatieve geneeswijzen onterecht lijken te werken, vinden we bij Barry L. Beyerstein. Hij geeft aan waarom ‘bogus therapies often seem to work’:
1. De ziekte heeft zijn natuurlijk verloop gehad en wordt onterecht toegeschreven aan een alternatieve behandeling.
2. Veel ziektes zijn cyclisch; als een alternatieve behandeling samenvalt met een tijdelijke periode van verbetering, wordt onterecht een heilzame werking geconstateerd.
3. Het placebo-effect; de behandelaar wordt in dat geval in de wetenschappelijke literatuur een charismatische persoonlijkheid genoemd die mensen overtuigt dat ze beter zijn geworden terwijl er niets meetbaars is gebeurd. Het effect berust op (auto)suggestie.
4. Een foutief oorzakelijk denken; de genezing of verbetering is aan andere (tussenliggende of externe) factoren te wijten.
5. De oorspronkelijke diagnose was verkeerd, dus de patiënt is niet genezen.
6. Tijdelijke verbetering van de gemoedstoestand wordt verward met genezing.
7. Een soort psychologische verdwaasdheid treedt op; achteraf wordt de gang van zaken onjuist geïnterpreteerd waardoor het succes onterecht aan de behandeling wordt toegeschreven.

Dit soort factoren zal soms zeker een rol spelen. Maar ze verklaren niet alle waargenomen en meermaals door behandelaren en cliënten beschreven gunstige effecten van reiki en vergelijkbare vormen van energetisch genezen.

Er vanuit gaande dat de Beyerstein-factoren bij serieus onderzoek ondergeschikt zijn of worden gemaakt, richten we ons op de westerse wetenschap voor ‘harde bewijzen’ voor de werking van energetisch genezen. De NCBI publiceert op de website PubMed wetenschappelijke onderzoeksresultaten van over de hele wereld. Wat is hier te vinden over reiki en andere vormen van energetisch genezen?

Eén van de eerste onderzoeken, voor zover bekend, was van W. Wetzel (Reiki Healing: A Physiologic Perspective. Journal of Holistic Nursing 7(1), 47-54), gepubliceerd in 1989. Zij onderzocht de hemoglobine en hematocriet niveaus van achtenveertig volwassenen die reiki I hadden gedaan en vergeleek de uitkomsten met een controlegroep van tien personen:

‘Findings were analyzed through the use of a t-test and revealed a statistically significant change between the pre- and post-training hemoglobin and hematocrit levels of the participants at the p > 0.01 level. The comparable control group, not experiencing the training, demonstrated no change within an identical time frame. Implications for nursing are discussed. Further research is necessary to clarify the physiologic effects of touch healing.

CONCLUSIONS: This study documented one measurable physiologic effect of Reiki. The data lend support to the basic premise of energy transmission between individuals for the purposes of healing, balancing, and increasing wellness.’

S. Vaughan onderzocht het effect van reiki op het centrale zenuwstelsel (Autonomous Nervous System, ANS) en ontdekte duidelijke aanwijzingen dat de bloeddruk (diastolic blood pressure) afnam door reiki (1995). K. Olson en J. Hanson concludeerden in 1997 een zeer significante afname van de pijn na het doorgeven van reiki aan mensen uit de testgroep:

‘The purpose of this study was to explore the usefulness of Reiki as an adjuvant to opioid therapy in the management of pain. Since no studies in this area could be found, a pilot study was carried out involving 20 volunteers experiencing pain at 55 sites for a variety of reasons, including cancer. All Reiki treatments were provided by a certified second-degree Reiki therapist. Pain was measured using both a visual analogue scale (VAS) and a Likert scale immediately before and after the Reiki treatment. Both instruments showed a highly significant (p < 0.0001) reduction in pain following the Reiki treatment.’

J.G. Turner onderzocht in 1998 het effect van therapeutic touch op patiënten met brandwonden. Hij vond dat behandelingen via deze vorm van handoplegging een significante afname van de ‘anxiety’ tot gevolg hadden. A. Evanoff en W.P. Newton concludeerden in 1999 dat energetische therapieën ervoor zorgden dat de kniepijn van osteoarthritis-patiënten significant afnam (N. Mackay en O. Mc.Farlane, 2005).

D.W. Wardell en J. Engebretson stellen in 2001 met betrekking tot stressreductie, dat na een reiki-behandeling bij proefpersonen de ‘anxiety’ significant afnam, net als de bloeddruk (SBP):
‘Comparing before and after measures, anxiety was significantly reduced, t(22)=2.45, P=0.02. Salivary IgA levels rose significantly, t(19)=2.33, P=0.03, however, salivary cortisol was not statistically significant. There was a significant drop in systolic blood pressure (SBP), F(2, 44)=6.60, P < 0.01. Skin temperature increased and electromyograph (EMG) decreased during the treatment, but before and after differences were not significant.

CONCLUSIONS: These findings suggest both biochemical and physiological changes in the direction of relaxation. The salivary IgA findings warrant further study to explore the effects of human TT and humeral immune function.’

De onderzoekers D.S. Wilkinson, P.L. Knox, J.E. Chatman, T.L. Johnson, N. Barbour, Y. Myles en A. Reel onderzochten in 2002 de klinische effecten van genezing door handoplegging (healing touch, HT) en in hoeverre de ervaring van de beoefenaar invloed heeft. Zij concluderen dat de stress significant afneemt, de gezondheid toeneemt en dat de pijn afneemt. Het placebo-effect wordt als exclusieve factor uitgesloten:

‘Clients of practitioners with more training experienced statistically significant positive sIgA change over the HT treatment series, while clients of practitioners with less experience did not. Clients reported a statistically significant reduction of stress level after both HT conditions. Perceived enhancement of health was reported by 13 of 22 clients (59%). Themes of relaxation, connection, and enhanced awareness were identified in the qualitative analysis of the HT experience. Pain relief was reported by 6 of 11 clients (55%) experiencing pain.

CONCLUSIONS: The data support the clinical effectiveness of HT in health enhancement, specifically for raising sIgA concentrations, lowering stress perceptions and relieving pain. The evidence indicates that positive responses were not exclusively as a result of placebo, that is, client beliefs, expectations, and behaviors regarding HT.’

In 2004 deden N. Mackay, S. Hansen en O. McFarlane onderzoek naar het effect van reiki op het zenuwstelsel. Ze schrijven:

‘Quantitative measures of autonomic nervous system function such as heart rate, cardiac vagal tone, blood pressure, cardiac sensitivity to baroreflex, and breathing activity were recorded continuously for each heartbeat. Values during and after the treatment period were compared with baseline data. RESULTS: Heart rate and diastolic blood pressure decreased significantly in the Reiki group compared to both placebo and control groups.’

De onderzoekers tekenen daarbij aan:

‘The study indicates that Reiki has some effect on the autonomic nervous system. However, this was a pilot study with relatively few subjects and the changes were relatively small. The results justify further, larger studies to look at the biological effects of Reiki treatment.’

B. Rubik, A.J. Brooks en G.E. Schwartz deden in 2006 onderzoek naar het helende effect van reiki. Ze hebben dat vastgelegd door te kijken naar het effect op bacteriekweken (‘heat shocked bacteria’). Ze concluderen dat reiki zorgt voor snellere groei van de bacteriën en des te meer als beoefenaren zich beter voelen.

(In 2000 is overigens een min of meer vergelijkbaar onderzoek uitgevoerd door K.Z. Jiang, Q. Zheng en B.H. Tang met de titel: ‘The strengthening effect of the biofield of seedlings of wheat and other plants on human immune system’. Helaas is van dit Chinese artikel geen samenvatting beschikbaar.)
Rubik, Brooks en Schwartz schrijven in 2006:

‘In the healing context, the Reiki treated cultures overall exhibited significantly more bacteria than controls (p < 0.05). Practitioner social (p < 0.013) and emotional well-being (p < 0.021) correlated with Reiki treatment outcome on bacterial cultures in the nonhealing context. Practitioner social (p < 0.031), physical (p < 0.030), and emotional (p < 0.026) well-being correlated with Reiki treatment outcome on the bacterial cultures in the healing context. For practitioners starting with diminished well-being, control counts were likely to be higher than Reiki-treated bacterial counts. For practitioners starting with a higher level of well-being, Reiki counts were likely to be higher than control counts.

CONCLUSIONS: Reiki improved growth of heat-shocked bacterial cultures in a healing context. The initial level of well-being of the Reiki practitioners correlates with the outcome of Reiki on bacterial culture growth and is key to the results obtained.’

K.L. Tsang, L.E. Carlson en K. Olson onderzochten in 2007 de effecten van reiki-behandelingen op kankerpatiënten, gerelateerd aan hun vermoeidheid, pijn, angst en algeheel welbevinden. Ze schrijven in hun conclusies dat de vermoeidheid, pijn en angst significant afnemen:

‘Fatigue on the FACT-F decreased within the Reiki condition (P=.05) over the course of all 7 treatments. In addition, participants in the Reiki condition experienced significant improvements in quality of life (FACT-G) compared to those in the resting condition (P <.05). On daily assessments (ESAS) in the Reiki condition, presession 1 versus postsession 5 scores indicated significant decreases in tiredness (P <.001), pain (P <.005), and anxiety (P<.01), which were not seen in the resting condition. Future research should further investigate the impact of Reiki using more highly controlled designs that include a sham Reiki condition and larger sample sizes.’

In datzelfde jaar hebben M.S. Lee, M.H. Pittler en E. Ernst uit Groot-Brittannië 250 onderzoeken naar het effect van reiki en vergelijkbare behandelmethoden op een rijtje gezet:

‘Two RCTs suggested beneficial effects of reiki compared with sham control on depression, while one RCT did not report intergroup differences. For pain and anxiety, one RCT showed intergroup differences compared with sham control. For stress and hopelessness a further RCT reported effects of reiki and distant reiki compared with distant sham control.’

Dan volgt een opsomming van onderzoeken waarvan het effect niet meetbaar was:

‘For functional recovery after ischaemic stroke there were no intergroup differences compared with sham. There was also no difference for anxiety between groups of pregnant women undergoing amniocentesis. For diabetic neuropathy there were no effects of reiki on pain. A further RCT failed to show the effects of reiki for anxiety and depression in women undergoing breast biopsy compared with conventional care.’

Vervolgens stellen ze dat er in het algemeen erg weinig data beschikbaar is en dat onafhankelijke herhaalbaarheid niet altijd mogelijk is geweest (sic). Ze concluderen vervolgens:

‘Most trials suffered from methodological flaws such as small sample size, inadequate study design and poor reporting. (…) In conclusion, the evidence is insufficient to suggest that reiki is an effective treatment for any condition. Therefore the value of reiki remains unproven.’

N. Assefi, A. Bogart, J. Goldberg en D. Buchwald publiceerden in 2008 een onderzoek naar het effect van reiki als complementaire behandeling op honderd mensen met fibromyalgie. Zij concluderen (elders) dat reiki een placebo is:

‘RESULTS: Neither Reiki nor touch had any effect on pain or any of the secondary outcomes. All outcome measures were nearly identical among the 4 treatment groups during the course of the trial. CONCLUSION: Neither Reiki nor touch improved the symptoms of fibromyalgia. Energy medicine modalities such as Reiki should be rigorously studied before being recommended to patients with chronic pain symptoms.’

In dezelfde maand, februari 2008, komen N. Aghabati, E. Mohammadi, Z. Pour Esmaiel tot de conclusie dat therapeutic touch aantoonbaar effect heeft op het reduceren van pijn en vermoeidheid bij kankerpatiënten die chemotherapie ondergaan:

‘The TT (significant) was more effective in decreasing pain and fatigue of the cancer patients undergoing chemotherapy than the usual care group, while the placebo group indicated a decreasing trend in pain and fatigue scores compared with the usual care group.’

In oktober 2008 publiceren P.S. So, Y. Jiang en Y. Qin een onderzoek naar de werking van therapeutic touch, healing touch en reiki als methode voor pijnbestrijding. Reiki-behandeling bleek het meest effectief, al was het effect ‘modest’. Van een placebo-effect is geen sprake:

‘MAIN RESULTS: Twenty four studies involving 1153 participants met the inclusion criteria. There were five, sixteen and three studies on HT, TT and Reiki respectively. Participants exposed to touch had on average of 0.83 units (on a 0 to ten scale) lower pain intensity than unexposed participants (95% Confidence Interval: -1.16 to -0.50). Results of trials conducted by more experienced practitioners appeared to yield greater effects in pain reduction. It is also apparent that these trials yielding greater effects were from the Reiki studies. Whether more experienced practitioners or certain types of touch therapy brought better pain reduction should be further investigated. Two of the five studies evaluating analgesic usage supported the claim that touch therapies minimized analgesic usage. The placebo effect was also explored. No statistically significant (P = 0.29) placebo effect was identified.
AUTHORS’ CONCLUSIONS: Touch therapies may have a modest effect in pain relief. More studies on HT and Reiki in relieving pain are needed. More studies including children are also required to evaluate the effect of touch on children.’

In 2009 verscheen een onderzoek van D.L. Woods, C. Beck en K. Sinha naar het effect van therapeutic touch op rusteloosheid (‘restlessness’) van dementerenden in verpleeghuizen. Volgens de wetenschappers heeft tussen de 75 en 90 procent van de leden van deze doelgroep gedragsproblemen (behavioral symptoms of BSD) ‘which may be associated with a stress response’.

‘Therapeutic touch has been shown to decrease restlessness in NH residents, however the mechanism is unknown. The purpose of this randomized controlled trial (RCT) was to examine the effect of therapeutic touch on BSD and basal cortisol levels among NH residents with dementia.

RESULTS: 64 residents, aged 67-93 years (M = 85.5, SD = 5.50), completed the study. Restlessness was significantly reduced in the experimental group compared to the control group (p = 0.03). There was a significant difference in morning cortisol variability among groups across time periods (<0.0001). Findings suggest that therapeutic touch may be effective for management of symptoms like restlessness coupled with stress reduction. At a time when cost containment is a consideration in health care, therapeutic touch is an intervention that is non-invasive, readily learned, and can provide a non-pharmacologic alternative for selected persons with BSD.’

K.J Kemper, N.B Fletcher, C.A Hamilton en T.W. McLean onderzochten in 2009 healing touch in relatie tot stress:

‘We conducted a pilot study to assess its effects in pediatric oncology patients. We enrolled patients in the continuation or consolidation phase of therapy. Patients or their parent completed simple visual analogue scales (VASs; 0-10) for relaxation, vitality, overall well-being, stress, anxiety, and depression before and after a 20-minute period of rest and a standardized HT treatment. Patients’ heart rates were monitored and later analyzed for heart rate variability (HRV) characteristics. Of the nine patients, all completed VASs and six had usable HRV data. The average age was 9 years.

CONCLUSIONS: VAS scores for stress decreased significantly more for HT treatment than for rest (HT: 4.4-1.7; rest: 2.3-2.3; p = .03). The HRV characteristic of total power was significantly lower during HT than for rest (HT 599 +/- 221; rest: 857 +/- 155; p = .048), and sympathetic activity was somewhat but not significantly lower (HT: 312 +/- 158; rest: 555 +/- 193; p = .06). HT is associated with lowered stress and changes in HRV. Further studies are needed to understand the mechanisms of these effects in larger samples and to explore the impact on additional clinically relevant measures.’

R. Domínguez Rosales, M.J. Albar Marín, B. Tena García, M.T. Ruíz Pérez, M.J. Garzón Real, M.A. Rosado Poveda en E. González Caro onderzochten het effect van therapeutic touch op het verblijf in een ziekenhuis, gewichtsverlies en de kans op complicaties. Conclusie van dit in 2009 gepubliceerde onderzoek: behandeling verkort het verblijf in het ziekenhuis en verkleint de kans op complicaties, maar onderzoek op grotere schaal is noodzakelijk.

Ook voor pijnreductie is energetisch genezen (op afstand) significant succesvol, blijkt uit in 2009 gepubliceerd onderzoek van G.L. McCormack. Een jaar daarvoor had C.M. Monroe op grond van literatuuronderzoek naar de periode 1997 tot 2007 over therapeutic touch gesteld:

‘FINDINGS: Seven studies that were conducted between 1997 and 2004 were found and only five of the seven were included as pertinent evidence to answer the question. All of the research that was reviewed to answer whether Therapeutic Touch could significantly reduce pain revealed a majority of statistically significant positive results for implementing this intervention. CONCLUSION: Because there are no identified risks to Therapeutic Touch as a pain relief measure, it is safe to recommend despite the limitations of current research.

IMPLICATIONS: Therapeutic Touch should be considered among the many possible nursing interventions for the treatment of pain.’

E.G. Sutherland , C. Ritenbaugh, S.J. Kiley, N. Vuckovic en C. Elder komen in 2009 tot een hogere effectiviteitsscore (92 in plaats van 70 procent). Na een onderzoek van dertien deelnemers met chronische hoofdpijn concluderen ze:

‘RESULTS: Twelve (12) of 13 participants experienced improvement in frequency, intensity, or duration of pain after three treatments. In addition, 11 of 13 participants experienced profound shifts in their view of themselves, their lives, and their potential for healing and transformation. These changes lasted from 24 hours to more than 6 months at follow-up.

CONCLUSIONS: Energy healing can be an important addition to pain management services. More in-depth qualitative research is needed to explore the diversity of outcomes facilitated by energy healing treatments. Furthermore, the development of new instrumentation is warranted to capture outcomes that reflect transformative change and changes at the level of the whole person.’

Samenvattend kan worden gesteld dat energetisch genezen volgens diverse klinisch wetenschappelijke onderzoeken een positief effect blijkt te hebben op het verminderen van de onrust, opwinding, vermoeidheid en pijnbeleving van mensen. (Wat dat laatste betreft is het vergelijkbaar met de werking van External Qi Gong, zie M.S Lee, M.H. Pittler en E. Ernst, 2007). Soms verandert hun hele kijk op de wereld erdoor, ze genezen sneller bij ziekenhuisopname en de kans op complicaties bij regulier medische behandelingen neemt af.

Een aantal klinische onderzoeken komt tot minder positieve conclusies en het vergelijkende literatuuronderzoek uit 2007 is ronduit negatief, maar wel voornamelijk op basis van methodologische kritiek.

Energetisch genezen lijkt in elk geval een goede aanpak om stress te verminderen. en het algemeen welbevinden te doen toenemen (vergelijk ook de studie van K. Reece, G.E. Schwartz, A.J. Brooks en G. Nangle uit 2005 naar energetisch genezen met Johrei). Je zou zelfs kunnen zeggen dat de gezondheid door energetische behandelingen toeneemt, concludeert P.J. Rosch, Clinical Professor of Medicine and Psychiatry, in een artikel uit 2009 waarin hij alle vormen van ‘biofield healing’ op een rij zet:

‘Effects on heart rate variability, stress response, inflammation, and the vagus nerve have been demonstrated and raise the question–Can the power of subtle energies be harnessed for health enhancement? It is fully accepted that good health depends on good communication both within the organism and between the organism and its environment. Sophisticated imaging procedures brought to bear on telomere, stem cell, and genetic research are confirming the ability of meditation and some other traditional practices to promote optimal health through stress reduction.’

Verder vond ik op PubMed de samenvatting van een overkoepelend Chinees onderzoek naar de effecten van qi gong, dat ik hier tot slot graag wil aanhalen:

‘A great number of clinical studies merging traditional Chinese medicine (TCM) and Western medicine have proved the complementary healing effects of qi-gong in medical science. Traditional Chinese respiration exercises help to regulate our mind, body and breathing and coordinate our internal organs, remove toxins and enhance immunity. Domestic and foreign studies indicate that qi-gong can relieve chronic pain, reduce tension, increase activities of phagocytes in coenocytes, improve cardiopulmonary function, improve eyesight, influence the index of blood biochemistry, etc.’

Vanwege de vele overeenkomsten, met name tussen qi gong en reiki, biedt dit artikel van Zhi Hu Li Za uit 2005 mijns inziens een goede routekaart voor nader onderzoek naar energetisch genezen in de westerse wereld.

(Dit artikel is ook gepubliceerd op www.spiriwiki.org).

Comments Off

admin op 7 July 2008 in Religie & Spiritueel

Centraal comité voor ex-reiki-beoefenaren opgericht

Jarenlang was ik blind, nu kan ik zien! Ik was een slaaf van de reiki-beweging, maar dat is nu voorbij! Ik heb geworsteld en kom boven! Na jaren van onderdrukking en een leven in kettingen ben ik gered door Ehsan Jami, die grote sociaal-liberale intellectueel. En in navolging van hem heb ik gelijk een Centraal comité voor ex-reiki-beoefenaren opgericht.

Dit de waarheid! De enige waarheid! De reiki-beweging lijkt een gemeenschap van hemelse liefde, met diverse scharen engelen, krachtige knuffelbomen, intuïtieve schilderpriesteressen en stralende stenen waar Indiana Jones van zou dromen. Maar de waarheid is anders. De Schokkende Waarheid Is Heel Anders!

Op grond van mijn individuele ervaring concludeer ik dat onder die fraaie vernislaag reiki niets minder is dan een duivelse sekte, geleid door nietsontziende masters die hun leerlingen veranderen in geestelijke slaven nadat ze eerst hun halve salaris aan hen hebben geofferd! Wekelijks moeten deze ongelukkigen een stuk van hun ziel aan hun master geven om met hun kettingen te mogen rammelen in de geestelijke reiki-kerkers waarin ze verblijven!

Ik was blind, doof en stom. Ik was zwaar gehersenspoeld en had het zelfs geschopt tot reiki master-teacher. En nog had ik het niet in de gaten! De warmte die me beving, het vreugdevolle gezelschap, het versterkte voelen, de toegenomen intuïtie, de heerlijke ervaring om te leven in een bezielde wereld: het was een list, bedrog, een verstikkende deken van kruislings aan elkaar genaaide leugens!

Een aanzet tot een wereldwijde tirannie van tolerantie, een door Al Gore geleide ondergrondse beweging die mij wil onderdrukken; dat en niets minder dan dat, is wat de reiki-beweging nastreeft. Dit Is Het Eerste En Enige Weblog Dat De Demonische Doelstellingen Van Reiki Voor Het Eerst Onthult!

Staat daarom op reiki-slaven en verlaat uw meester, open uw ogen en wandel weg van het spirituele centrum dat u knecht en misbruikt! Met de bekende vrijdenker Ehsan Jami – groot is zijn raam - zeg ik: nu is het tijd om uit te breken, u vrij te vechten uit uw gevangenschap van liefde, acceptatie, begrip en tolerantie, en een baken van duisternis op te richten dat in heel Hilversum zal worden gezien! Weg met de reiki-beweging! En nee, we gaan geen onderscheid maken tussen goeden en kwaden. Het atheïstische Iets van Ehsan Jami kent de zijnen!

Naschrift: Dit is uiteraard een parodie, bedoeld om Ehsan Jami te kietelen (wie was dat ook alweer?). Maar wie schetste mijn verbazing toen ik onlangs op deze site kwam. Als je reiki doet, grasduin hier dan even rond. Het valt me nog mee dat ze J. van N. (in zijn kringen bekend als De C.) nog niet als duivelse genezer aan het kruis hebben getimmerd. Of hadden ze dat al gedaan?

Comments Off

admin op 20 October 2007 in Religie & Spiritueel