‘Kanker is erg, maar je hoeft er niet minder plezier om te hebben’

Samen 24 uur lopen tegen kanker op 28 en 29 mei in Roermond, Sportpark De Wijher. Heeft dat zin? Ja, zegt survivor Linda Naus (56) uit Reuver. Om ervaringen te delen, de doden te herdenken, geld in te zamelen én te merken dat we allemaal samen zijn. Persoonlijk wil ze kanker graag beter bespreekbaar maken.

Kanker confronteert, kanker zweert. Kanker ontsiert, kanker kliert. Eén op de drie in Nederland krijgt de gevreesde ziekte, toch is erover praten niet gebruikelijk Alsof je je moet schamen voor iets dat je overkomt.

Er zijn zelfs nog mensen die fluisteren over ‘K’, zoals haar moeder in 1975, toen bleek dat ze de ziekte onder de leden had. Ze overleed eraan toen Linda Naus nog jong was. Zelf kreeg de Reuverse in 1998 kanker. Ze ging de medische molen in, moest een borst afstaan en kon daarmee erger voorkomen.

Erover praten helpt, zegt ze. Vanaf het zonnige terras in haar achtertuin doet ze haar verhaal: “Het was alsof ik in een sneltrein zat en op bepaalde stations gebeurde dit of dat. Later had ik pas tijd om na te denken. Het heeft me veranderd, ja. Ik ben anders gaan leven. Ik leef nu en niet voor morgen.”

Zoals bij veel andere patiënten, leidde het ook tot een nieuwe jaartelling; ‘zoveel jaar na Kanker’, als in ‘na Christus’. “Iemand zei laatst tegen me: ‘Ik zit al in jaar dertien’. Dat zette me toch aan het denken.” Want ondanks de diepe acceptatie en haar blakende gezondheid heeft ze nog steeds de ‘angel van de angst’; hoe lang heb ik nog, komt het terug?

Behalve bij haar gezin en het Herstel & Balans-revalidatieprogramma, vond ze indertijd steun bij Borstkankervereniging Nederland. Bijvoorbeeld met betrekking tot de chronische vermoeidheid, de fysieke beperkingen door lymfoedeem, de concentratieproblemen en het geheugenverlies door de chemotherapie. “Ik heb heel lang naar woorden moeten zoeken voor ik weer woorden had.”

Ook haar zelfbeeld kwam er aan de orde. Kaalheid wordt gecamoufleerd met een pruik, een geamputeerde borst met een externe prothese. Toch ben je niet meer dezelfde en voor veel vrouwen, met name jongere, is dat ontwrichtend. Nog los van kwesties als erfelijkheid en kinderen.

Linda Naus bekeek het verstandelijk, zo kon en kan ze het een plaats geven: “Ik was drieënveertig, had al een man en kinderen; die borst had zijn functie gehad. Ik was ook blij dat hij eraf was; daar ga ik dus niet meer dood aan.”

Hoewel ze tijdens haar ziekte de bodem van de put heeft gezien, stralen haar ogen en heeft ze een opgewekte lach. “Het is bij onze vereniging ook niet alleen kommer en kwel”, haast ze zich om te zeggen. “We lachen veel. Er worden ook grapjes gemaakt, al kan niet iedereen daarmee omgaan. Kanker is verschrikkelijk, maar je hoeft er geen dag minder plezier om te hebben.”

Toen het erop leek dat de kanker voorlopig niet meer terugkwam, ging de hemel open; Linda Naus mocht nog even hier op aarde blijven. Dat euforische gevoel heeft ze opnieuw gehad tijdens de inspirerende manifestatie Samenloop voor Hoop, 2008 in Roermond.

Met vele honderden anderen liep ze als survivor mee om ervaringen te delen én om een statement te maken: er is hoop, er is leven na kanker. Mogelijk zelfs een redelijk lang en goed leven - kanker wordt steeds vaker een chronische ziekte dankzij de voortschrijdende wetenschap. Andere mensen liepen mee om geld in te zamelen, juist voor zulk onderzoek.

Tijdens de tweede editie, die 28 mei om 16.00 uur begint, is ze vanzelfsprekend van de partij. Met haar gebruikelijke esprit en innerlijke veerkracht. Ze is geen passief slachtoffer, maar iemand die ervoor kiest om actief van het leven te genieten. Onder meer door te sporten.

Tijdens de revalidatie begonnen met rennen, is ze nooit meer gestopt. In 2007 liep ze een dochter en haar schoondochter eruit met hardlopen tijdens de Nijmeegse Marikenloop. Zaterdag deed ze mee aan de Kragten Avondloop in Herten. “Lekker gelopen, onder de drieëntwintig minuten.”

Iedereen kan haar aanspreken tijdens de Samenloop voor Hoop, natuurlijk. “Vroeger, in de K-tijd, was er veel angst door het taboe. Nu schrijven mensen het vaak anoniem van zich af op internet, maar dan moet je het uiteindelijk toch in je eentje oplossen. Dat is niet makkelijk en ik gun iedereen de mogelijkheid om het anders te doen.”

(Geschreven voor de Trompetter namens Samenloop voor Hoop.)

Comments Off

admin op 23 May 2011 in Politiek & Media

Crisis Hof van Onthaasting Hoogveld lijkt bezworen

De Hof van Onthaasting verkeerde enkele maanden in zwaar weer, maar heeft intussen een veilige financiële haven bereikt. Het ambitieuze zorgpark in de Sittardse wijk Hoogveld wordt in mei 2010 feestelijk geopend in samenwerking met het wijkplatform en de buurtvereniging. In oktober wordt het opgesteld voor de buurtbewoners. Volgens Woonpunt-directeur Peter Hofland, Woonpunt is één van de partijen achter de stichting Hof van Onthaasting, ging het project ‘richting ravijn, maar nu is de koers definitief omgebogen’.

De aanvankelijke spil in het project Hof van Onthaasting was Orbis-topman Guus Broos, de man die door sommigen wordt omschreven als visionair, door anderen als luchtfietser. Broos moest in februari bij Orbis opstappen vanwege zijn aandeel in de financiële perikelen bij het zorgconcern. ,,De Hof van Onthaasting was zijn kindje”, zegt Hofland.

Broos geloofde heel erg in het unieke concept, trok aanvankelijk veel zaken naar zich toe en maakte ook enkele verkeerde inschattingen, bijna met rampzalige gevolgen voor het project, geeft de Woonpunt-directeur aan.

Zo moest de Europese Unie ‘een substantiële’ subsidie verstrekken, was de bedoeling. Vermoedelijk een bedrag van enkele tonnen. Voor de opening van het park was alvast een eurocommissaris benaderd.

Deze subsidie werd echter, tegen de verwachting van Broos in, niet verleend. Mogelijk omdat hij niet vooraf werd ingediend, zoals volgens Roy Beumers, manager Projectbureau Additionele Gelden van Orbis, ook met andere Orbis-verzoeken om Europese subsidie is gebeurd. Het was in elk geval een behoorlijke hap uit de totale projectbegroting van 3,3 miljoen euro inclusief btw.

Rijk gerekend

De stichting had zich rijk gerekend met een subsidie die nog moest worden toegekend. In combinatie met achterblijvende sponsorgelden zorgde dit voor een totaal tekort van 720.000 euro, erkent Hofland nu.

Eerder werd door de woordvoerder van Woonpunt namens de stichting nog beweerd dat er geen tekort bij de stichting was. Verder zou de vertraagde opening van het park te wijten zijn aan de bestuurswisseling bij Orbis en het tegenvallende weer, waardoor werkzaamheden niet tijdig konden worden afgerond. Dit in weerwil van een onthullende brief die de indruk wekte dat er wel financiële problemen waren en waar Hét WijkKrantje de hand op had weten te leggen.

Bij aanvang van het project in 2007 zag het er – op papier – allemaal nog goed uit. De Hof van Onthaasting in Hoogveld werd gedragen door de ‘Founding Fathers’; een aantal geldschieters, verenigd in de Stichting Hof van Onthaasting. Deze partijen (Orbis medisch en zorgconcern, Wonen Heuvelsteden, Woonpunt, Woningstichting Limbricht, 3W, ING REIM, Interpolis Vastgoed (intussen Achmea) en ZO Wonen) hebben volgens Hofland per aandeel 150.000 euro ingelegd, goed per aandeel voor één appartementenblok in de omgeving van het park.

In totaal zijn tien aandelen uitgegeven, zegt Hofland. Orbis kreeg er uiteindelijk drie, een injectie van 450.000 euro, omdat deze instelling het voortouw nam en na een tijdje het aandeel van ZO Wonen heeft overgenomen. ZO Wonen zag volgens Hofland al snel af van financiële participatie, ‘vanwege het ontbreken van woningen direct aan het park’, maar staat nog steeds op de projectwebsite als Founding Father vermeld.

Aanvullend was sponsorgeld van derden toegezegd, de provincie had al getekend voor 300.000 euro en enkele bedrijven, onder meer Bouwbedrijf Jongen, sponsorden in natura. Jongen leverde het theehuisje in het park, ter waarde van 300.000 euro en is daarmee ’supersponsor’ van het project. Het theehuisje is een latere toevoeging.

Belastingdienst

De ontvangen sponsorbedragen werden echter lager onder invloed van de kredietcrisis. Een aantal sponsoren haakte zelfs af en het forse geldbedrag van de Europese Unie kwam er niet. Als klap op de vuurpijl bleek dat initiatiefnemer en grote geldschieter Orbis op kiepen stond. (Orbis is de financiële afspraken wat betreft de Hof van Onthaasting overigens allemaal nagekomen, aldus Beumers en Hofland.)

Orbis-topman Guus Broos, de drijvende kracht achter het park, moest vertrekken en de woordvoering van de Hof van Onthaasting werd overgeheveld naar Woonpunt. De Founding Fathers hebben vervolgens samen opnieuw de balans opgemaakt. Ze ontdekten onder meer dat onder Broos ook is onderzocht of het mogelijk was geld te genereren door betaalde btw over bepaalde investeringen terug te vragen, aldus Peter Hofland van Woonpunt.

,,De Inspecteur van de Belastingdienst doet op dit moment onderzoek naar de manier waarop de stichting Hof van Onthaasting met de btw is omgegaan. Dit op basis van door de stichting aangedragen informatie. Het is een routine-onderzoek, niet zo belangrijk. Mogelijk krijgen we zelfs nog geld terug”, hoopt Hofland.

Verder werd duidelijk dat de andere aandeelhouders niet geheel op de hoogte waren van de exacte afspraken die Broos gemaakt had, zoals bijvoorbeeld over de hoogte van de gevraagde Europese subsidie.

Faillissement

,,ING REIM en Achmea, twee partijen waarvan het hoofdkantoor relatief ver van Sittard verwijderd is, hebben vervolgens de andere deelnemers in de stichting gestimuleerd om extra geld te investeren. Afgesproken werd om tien maal 55.000 euro extra bij te dragen. Samen 550.000 euro. Toen kwam langzaam de gemeente in beeld. Die heeft uiteindelijk een lening gegeven van 170.000 euro om het resterende gat in de begroting te dichten.”

Het park was gered, maar dit ging niet zonder slag of stoot. Zo werd de aannemerscombinatie BLM-Dolmans op het dieptepunt van de crisis gevraagd de werkzaamheden tijdelijk te stoppen omdat er geen geld meer was. (De aanneemsom voor het grootste gedeelte van de aanleg bedraagt 1.982.000 euro.)

Het (onvolledige) pr-verhaal van de stichting luidde, dat dit te maken had met het tegenvallende weer en de bestuurswisseling bij Orbis. Het bestaan van een tekort werd toen nog ontkend. De gemeente meldde onlangs in het raadsvoorstel over de lening van 170.000 euro dat er wel degelijk een tekort was.

De aannemerscombinatie zou de stichting zelfs met faillissement hebben gedreigd. Orbis had zich volgens Hofland vanaf het begin garant gesteld voor de financiering van het hele park, maar dat wist de aannemer niet. ,,Gezien de situatie bij Orbis - de financiële problemen kwamen toen naar buiten en Orbis vervult een prominente rol binnen de stichting - was de aannemer natuurlijk op zijn hoede. Maar hij heeft altijd betaald gekregen. Nu zijn er goede afspraken gemaakt, zodat de afbouw verzekerd is.”

En dat was niet alles. Er bleken ook problemen te zijn met de levering van het prachtige Art Deco-achtige hek voor het park. ,,De smid in Voerendaal ging failliet. Dat speelde in de periode januari tot maart 2009. Het hekwerk stond in België om gecoat te worden. Het coatingbedrijf moest nog betaald krijgen van de smid, dus deze wilde het hek - dat wij al betaald hadden - zelf gaan verkopen. Eerst moesten we zoeken waar het was gebleven. Het in Lanaken, dus dat was niet zo ver weg. We hebben het gelukkig zonder extra kosten terug kunnen krijgen.”

Communicatie

Op dit moment gaat het goed met het park. De kosten van 3,3 miljoen inclusief btw, evenveel als aanvankelijk begroot, zijn volledig gedekt volgens Hofland. De aanleg loopt voorspoedig, de hier gemelde data voor de openstelling worden waarschijnlijk in september vastgesteld tijdens de vergadering van de Founding Fathers.

Verder wordt gewerkt aan het aanhalen van de banden met het wijkplatform, de buurtvereniging en basisschool Loedoes. Enerzijds om te komen tot een goede invulling van het park - het is bedoeling dat er vanuit de buurt ook activiteiten in het park worden houden - anderzijds om de feestelijke opening in 2010 een breed draagvlak te geven.

Peter Hofland: ,,Met de gemeente worden op dit moment afspraken gemaakt over de exploitatie van de Hof van Onthaasting. Geleidelijk kan de aandacht nu weer worden verlegd naar de invulling en het toekomstig gebruik van het park. Dat is toch waar het allemaal om gaat.”

Comments Off

admin op 19 August 2009 in Politiek & Media

Wetenschappelijke bewijzen voor de werking van reiki

Wat zegt de westerse wetenschap over de werking van reiki en andere vormen van energetische genezen? Meer dan je zou verwachten. In dit artikel zetten we de belangrijkste onderzoeken en conclusies op een rijtje. (Dit artikel is volledig herzien in september 2009, een pdf-versie met actieve linken naar de onderzoeksresultaten is te vinden op www.reikido.nl).

Een overzicht van redenen waarom alternatieve geneeswijzen onterecht lijken te werken, vinden we bij Barry L. Beyerstein. Hij geeft aan waarom ‘bogus therapies often seem to work’:
1. De ziekte heeft zijn natuurlijk verloop gehad en wordt onterecht toegeschreven aan een alternatieve behandeling.
2. Veel ziektes zijn cyclisch; als een alternatieve behandeling samenvalt met een tijdelijke periode van verbetering, wordt onterecht een heilzame werking geconstateerd.
3. Het placebo-effect; de behandelaar wordt in dat geval in de wetenschappelijke literatuur een charismatische persoonlijkheid genoemd die mensen overtuigt dat ze beter zijn geworden terwijl er niets meetbaars is gebeurd. Het effect berust op (auto)suggestie.
4. Een foutief oorzakelijk denken; de genezing of verbetering is aan andere (tussenliggende of externe) factoren te wijten.
5. De oorspronkelijke diagnose was verkeerd, dus de patiënt is niet genezen.
6. Tijdelijke verbetering van de gemoedstoestand wordt verward met genezing.
7. Een soort psychologische verdwaasdheid treedt op; achteraf wordt de gang van zaken onjuist geïnterpreteerd waardoor het succes onterecht aan de behandeling wordt toegeschreven.

Dit soort factoren zal soms zeker een rol spelen. Maar ze verklaren niet alle waargenomen en meermaals door behandelaren en cliënten beschreven gunstige effecten van reiki en vergelijkbare vormen van energetisch genezen.

Er vanuit gaande dat de Beyerstein-factoren bij serieus onderzoek ondergeschikt zijn of worden gemaakt, richten we ons op de westerse wetenschap voor ‘harde bewijzen’ voor de werking van energetisch genezen. De NCBI publiceert op de website PubMed wetenschappelijke onderzoeksresultaten van over de hele wereld. Wat is hier te vinden over reiki en andere vormen van energetisch genezen?

Eén van de eerste onderzoeken, voor zover bekend, was van W. Wetzel (Reiki Healing: A Physiologic Perspective. Journal of Holistic Nursing 7(1), 47-54), gepubliceerd in 1989. Zij onderzocht de hemoglobine en hematocriet niveaus van achtenveertig volwassenen die reiki I hadden gedaan en vergeleek de uitkomsten met een controlegroep van tien personen:

‘Findings were analyzed through the use of a t-test and revealed a statistically significant change between the pre- and post-training hemoglobin and hematocrit levels of the participants at the p > 0.01 level. The comparable control group, not experiencing the training, demonstrated no change within an identical time frame. Implications for nursing are discussed. Further research is necessary to clarify the physiologic effects of touch healing.

CONCLUSIONS: This study documented one measurable physiologic effect of Reiki. The data lend support to the basic premise of energy transmission between individuals for the purposes of healing, balancing, and increasing wellness.’

S. Vaughan onderzocht het effect van reiki op het centrale zenuwstelsel (Autonomous Nervous System, ANS) en ontdekte duidelijke aanwijzingen dat de bloeddruk (diastolic blood pressure) afnam door reiki (1995). K. Olson en J. Hanson concludeerden in 1997 een zeer significante afname van de pijn na het doorgeven van reiki aan mensen uit de testgroep:

‘The purpose of this study was to explore the usefulness of Reiki as an adjuvant to opioid therapy in the management of pain. Since no studies in this area could be found, a pilot study was carried out involving 20 volunteers experiencing pain at 55 sites for a variety of reasons, including cancer. All Reiki treatments were provided by a certified second-degree Reiki therapist. Pain was measured using both a visual analogue scale (VAS) and a Likert scale immediately before and after the Reiki treatment. Both instruments showed a highly significant (p < 0.0001) reduction in pain following the Reiki treatment.’

J.G. Turner onderzocht in 1998 het effect van therapeutic touch op patiënten met brandwonden. Hij vond dat behandelingen via deze vorm van handoplegging een significante afname van de ‘anxiety’ tot gevolg hadden. A. Evanoff en W.P. Newton concludeerden in 1999 dat energetische therapieën ervoor zorgden dat de kniepijn van osteoarthritis-patiënten significant afnam (N. Mackay en O. Mc.Farlane, 2005).

D.W. Wardell en J. Engebretson stellen in 2001 met betrekking tot stressreductie, dat na een reiki-behandeling bij proefpersonen de ‘anxiety’ significant afnam, net als de bloeddruk (SBP):
‘Comparing before and after measures, anxiety was significantly reduced, t(22)=2.45, P=0.02. Salivary IgA levels rose significantly, t(19)=2.33, P=0.03, however, salivary cortisol was not statistically significant. There was a significant drop in systolic blood pressure (SBP), F(2, 44)=6.60, P < 0.01. Skin temperature increased and electromyograph (EMG) decreased during the treatment, but before and after differences were not significant.

CONCLUSIONS: These findings suggest both biochemical and physiological changes in the direction of relaxation. The salivary IgA findings warrant further study to explore the effects of human TT and humeral immune function.’

De onderzoekers D.S. Wilkinson, P.L. Knox, J.E. Chatman, T.L. Johnson, N. Barbour, Y. Myles en A. Reel onderzochten in 2002 de klinische effecten van genezing door handoplegging (healing touch, HT) en in hoeverre de ervaring van de beoefenaar invloed heeft. Zij concluderen dat de stress significant afneemt, de gezondheid toeneemt en dat de pijn afneemt. Het placebo-effect wordt als exclusieve factor uitgesloten:

‘Clients of practitioners with more training experienced statistically significant positive sIgA change over the HT treatment series, while clients of practitioners with less experience did not. Clients reported a statistically significant reduction of stress level after both HT conditions. Perceived enhancement of health was reported by 13 of 22 clients (59%). Themes of relaxation, connection, and enhanced awareness were identified in the qualitative analysis of the HT experience. Pain relief was reported by 6 of 11 clients (55%) experiencing pain.

CONCLUSIONS: The data support the clinical effectiveness of HT in health enhancement, specifically for raising sIgA concentrations, lowering stress perceptions and relieving pain. The evidence indicates that positive responses were not exclusively as a result of placebo, that is, client beliefs, expectations, and behaviors regarding HT.’

In 2004 deden N. Mackay, S. Hansen en O. McFarlane onderzoek naar het effect van reiki op het zenuwstelsel. Ze schrijven:

‘Quantitative measures of autonomic nervous system function such as heart rate, cardiac vagal tone, blood pressure, cardiac sensitivity to baroreflex, and breathing activity were recorded continuously for each heartbeat. Values during and after the treatment period were compared with baseline data. RESULTS: Heart rate and diastolic blood pressure decreased significantly in the Reiki group compared to both placebo and control groups.’

De onderzoekers tekenen daarbij aan:

‘The study indicates that Reiki has some effect on the autonomic nervous system. However, this was a pilot study with relatively few subjects and the changes were relatively small. The results justify further, larger studies to look at the biological effects of Reiki treatment.’

B. Rubik, A.J. Brooks en G.E. Schwartz deden in 2006 onderzoek naar het helende effect van reiki. Ze hebben dat vastgelegd door te kijken naar het effect op bacteriekweken (‘heat shocked bacteria’). Ze concluderen dat reiki zorgt voor snellere groei van de bacteriën en des te meer als beoefenaren zich beter voelen.

(In 2000 is overigens een min of meer vergelijkbaar onderzoek uitgevoerd door K.Z. Jiang, Q. Zheng en B.H. Tang met de titel: ‘The strengthening effect of the biofield of seedlings of wheat and other plants on human immune system’. Helaas is van dit Chinese artikel geen samenvatting beschikbaar.)
Rubik, Brooks en Schwartz schrijven in 2006:

‘In the healing context, the Reiki treated cultures overall exhibited significantly more bacteria than controls (p < 0.05). Practitioner social (p < 0.013) and emotional well-being (p < 0.021) correlated with Reiki treatment outcome on bacterial cultures in the nonhealing context. Practitioner social (p < 0.031), physical (p < 0.030), and emotional (p < 0.026) well-being correlated with Reiki treatment outcome on the bacterial cultures in the healing context. For practitioners starting with diminished well-being, control counts were likely to be higher than Reiki-treated bacterial counts. For practitioners starting with a higher level of well-being, Reiki counts were likely to be higher than control counts.

CONCLUSIONS: Reiki improved growth of heat-shocked bacterial cultures in a healing context. The initial level of well-being of the Reiki practitioners correlates with the outcome of Reiki on bacterial culture growth and is key to the results obtained.’

K.L. Tsang, L.E. Carlson en K. Olson onderzochten in 2007 de effecten van reiki-behandelingen op kankerpatiënten, gerelateerd aan hun vermoeidheid, pijn, angst en algeheel welbevinden. Ze schrijven in hun conclusies dat de vermoeidheid, pijn en angst significant afnemen:

‘Fatigue on the FACT-F decreased within the Reiki condition (P=.05) over the course of all 7 treatments. In addition, participants in the Reiki condition experienced significant improvements in quality of life (FACT-G) compared to those in the resting condition (P <.05). On daily assessments (ESAS) in the Reiki condition, presession 1 versus postsession 5 scores indicated significant decreases in tiredness (P <.001), pain (P <.005), and anxiety (P<.01), which were not seen in the resting condition. Future research should further investigate the impact of Reiki using more highly controlled designs that include a sham Reiki condition and larger sample sizes.’

In datzelfde jaar hebben M.S. Lee, M.H. Pittler en E. Ernst uit Groot-Brittannië 250 onderzoeken naar het effect van reiki en vergelijkbare behandelmethoden op een rijtje gezet:

‘Two RCTs suggested beneficial effects of reiki compared with sham control on depression, while one RCT did not report intergroup differences. For pain and anxiety, one RCT showed intergroup differences compared with sham control. For stress and hopelessness a further RCT reported effects of reiki and distant reiki compared with distant sham control.’

Dan volgt een opsomming van onderzoeken waarvan het effect niet meetbaar was:

‘For functional recovery after ischaemic stroke there were no intergroup differences compared with sham. There was also no difference for anxiety between groups of pregnant women undergoing amniocentesis. For diabetic neuropathy there were no effects of reiki on pain. A further RCT failed to show the effects of reiki for anxiety and depression in women undergoing breast biopsy compared with conventional care.’

Vervolgens stellen ze dat er in het algemeen erg weinig data beschikbaar is en dat onafhankelijke herhaalbaarheid niet altijd mogelijk is geweest (sic). Ze concluderen vervolgens:

‘Most trials suffered from methodological flaws such as small sample size, inadequate study design and poor reporting. (…) In conclusion, the evidence is insufficient to suggest that reiki is an effective treatment for any condition. Therefore the value of reiki remains unproven.’

N. Assefi, A. Bogart, J. Goldberg en D. Buchwald publiceerden in 2008 een onderzoek naar het effect van reiki als complementaire behandeling op honderd mensen met fibromyalgie. Zij concluderen (elders) dat reiki een placebo is:

‘RESULTS: Neither Reiki nor touch had any effect on pain or any of the secondary outcomes. All outcome measures were nearly identical among the 4 treatment groups during the course of the trial. CONCLUSION: Neither Reiki nor touch improved the symptoms of fibromyalgia. Energy medicine modalities such as Reiki should be rigorously studied before being recommended to patients with chronic pain symptoms.’

In dezelfde maand, februari 2008, komen N. Aghabati, E. Mohammadi, Z. Pour Esmaiel tot de conclusie dat therapeutic touch aantoonbaar effect heeft op het reduceren van pijn en vermoeidheid bij kankerpatiënten die chemotherapie ondergaan:

‘The TT (significant) was more effective in decreasing pain and fatigue of the cancer patients undergoing chemotherapy than the usual care group, while the placebo group indicated a decreasing trend in pain and fatigue scores compared with the usual care group.’

In oktober 2008 publiceren P.S. So, Y. Jiang en Y. Qin een onderzoek naar de werking van therapeutic touch, healing touch en reiki als methode voor pijnbestrijding. Reiki-behandeling bleek het meest effectief, al was het effect ‘modest’. Van een placebo-effect is geen sprake:

‘MAIN RESULTS: Twenty four studies involving 1153 participants met the inclusion criteria. There were five, sixteen and three studies on HT, TT and Reiki respectively. Participants exposed to touch had on average of 0.83 units (on a 0 to ten scale) lower pain intensity than unexposed participants (95% Confidence Interval: -1.16 to -0.50). Results of trials conducted by more experienced practitioners appeared to yield greater effects in pain reduction. It is also apparent that these trials yielding greater effects were from the Reiki studies. Whether more experienced practitioners or certain types of touch therapy brought better pain reduction should be further investigated. Two of the five studies evaluating analgesic usage supported the claim that touch therapies minimized analgesic usage. The placebo effect was also explored. No statistically significant (P = 0.29) placebo effect was identified.
AUTHORS’ CONCLUSIONS: Touch therapies may have a modest effect in pain relief. More studies on HT and Reiki in relieving pain are needed. More studies including children are also required to evaluate the effect of touch on children.’

In 2009 verscheen een onderzoek van D.L. Woods, C. Beck en K. Sinha naar het effect van therapeutic touch op rusteloosheid (‘restlessness’) van dementerenden in verpleeghuizen. Volgens de wetenschappers heeft tussen de 75 en 90 procent van de leden van deze doelgroep gedragsproblemen (behavioral symptoms of BSD) ‘which may be associated with a stress response’.

‘Therapeutic touch has been shown to decrease restlessness in NH residents, however the mechanism is unknown. The purpose of this randomized controlled trial (RCT) was to examine the effect of therapeutic touch on BSD and basal cortisol levels among NH residents with dementia.

RESULTS: 64 residents, aged 67-93 years (M = 85.5, SD = 5.50), completed the study. Restlessness was significantly reduced in the experimental group compared to the control group (p = 0.03). There was a significant difference in morning cortisol variability among groups across time periods (<0.0001). Findings suggest that therapeutic touch may be effective for management of symptoms like restlessness coupled with stress reduction. At a time when cost containment is a consideration in health care, therapeutic touch is an intervention that is non-invasive, readily learned, and can provide a non-pharmacologic alternative for selected persons with BSD.’

K.J Kemper, N.B Fletcher, C.A Hamilton en T.W. McLean onderzochten in 2009 healing touch in relatie tot stress:

‘We conducted a pilot study to assess its effects in pediatric oncology patients. We enrolled patients in the continuation or consolidation phase of therapy. Patients or their parent completed simple visual analogue scales (VASs; 0-10) for relaxation, vitality, overall well-being, stress, anxiety, and depression before and after a 20-minute period of rest and a standardized HT treatment. Patients’ heart rates were monitored and later analyzed for heart rate variability (HRV) characteristics. Of the nine patients, all completed VASs and six had usable HRV data. The average age was 9 years.

CONCLUSIONS: VAS scores for stress decreased significantly more for HT treatment than for rest (HT: 4.4-1.7; rest: 2.3-2.3; p = .03). The HRV characteristic of total power was significantly lower during HT than for rest (HT 599 +/- 221; rest: 857 +/- 155; p = .048), and sympathetic activity was somewhat but not significantly lower (HT: 312 +/- 158; rest: 555 +/- 193; p = .06). HT is associated with lowered stress and changes in HRV. Further studies are needed to understand the mechanisms of these effects in larger samples and to explore the impact on additional clinically relevant measures.’

R. Domínguez Rosales, M.J. Albar Marín, B. Tena García, M.T. Ruíz Pérez, M.J. Garzón Real, M.A. Rosado Poveda en E. González Caro onderzochten het effect van therapeutic touch op het verblijf in een ziekenhuis, gewichtsverlies en de kans op complicaties. Conclusie van dit in 2009 gepubliceerde onderzoek: behandeling verkort het verblijf in het ziekenhuis en verkleint de kans op complicaties, maar onderzoek op grotere schaal is noodzakelijk.

Ook voor pijnreductie is energetisch genezen (op afstand) significant succesvol, blijkt uit in 2009 gepubliceerd onderzoek van G.L. McCormack. Een jaar daarvoor had C.M. Monroe op grond van literatuuronderzoek naar de periode 1997 tot 2007 over therapeutic touch gesteld:

‘FINDINGS: Seven studies that were conducted between 1997 and 2004 were found and only five of the seven were included as pertinent evidence to answer the question. All of the research that was reviewed to answer whether Therapeutic Touch could significantly reduce pain revealed a majority of statistically significant positive results for implementing this intervention. CONCLUSION: Because there are no identified risks to Therapeutic Touch as a pain relief measure, it is safe to recommend despite the limitations of current research.

IMPLICATIONS: Therapeutic Touch should be considered among the many possible nursing interventions for the treatment of pain.’

E.G. Sutherland , C. Ritenbaugh, S.J. Kiley, N. Vuckovic en C. Elder komen in 2009 tot een hogere effectiviteitsscore (92 in plaats van 70 procent). Na een onderzoek van dertien deelnemers met chronische hoofdpijn concluderen ze:

‘RESULTS: Twelve (12) of 13 participants experienced improvement in frequency, intensity, or duration of pain after three treatments. In addition, 11 of 13 participants experienced profound shifts in their view of themselves, their lives, and their potential for healing and transformation. These changes lasted from 24 hours to more than 6 months at follow-up.

CONCLUSIONS: Energy healing can be an important addition to pain management services. More in-depth qualitative research is needed to explore the diversity of outcomes facilitated by energy healing treatments. Furthermore, the development of new instrumentation is warranted to capture outcomes that reflect transformative change and changes at the level of the whole person.’

Samenvattend kan worden gesteld dat energetisch genezen volgens diverse klinisch wetenschappelijke onderzoeken een positief effect blijkt te hebben op het verminderen van de onrust, opwinding, vermoeidheid en pijnbeleving van mensen. (Wat dat laatste betreft is het vergelijkbaar met de werking van External Qi Gong, zie M.S Lee, M.H. Pittler en E. Ernst, 2007). Soms verandert hun hele kijk op de wereld erdoor, ze genezen sneller bij ziekenhuisopname en de kans op complicaties bij regulier medische behandelingen neemt af.

Een aantal klinische onderzoeken komt tot minder positieve conclusies en het vergelijkende literatuuronderzoek uit 2007 is ronduit negatief, maar wel voornamelijk op basis van methodologische kritiek.

Energetisch genezen lijkt in elk geval een goede aanpak om stress te verminderen. en het algemeen welbevinden te doen toenemen (vergelijk ook de studie van K. Reece, G.E. Schwartz, A.J. Brooks en G. Nangle uit 2005 naar energetisch genezen met Johrei). Je zou zelfs kunnen zeggen dat de gezondheid door energetische behandelingen toeneemt, concludeert P.J. Rosch, Clinical Professor of Medicine and Psychiatry, in een artikel uit 2009 waarin hij alle vormen van ‘biofield healing’ op een rij zet:

‘Effects on heart rate variability, stress response, inflammation, and the vagus nerve have been demonstrated and raise the question–Can the power of subtle energies be harnessed for health enhancement? It is fully accepted that good health depends on good communication both within the organism and between the organism and its environment. Sophisticated imaging procedures brought to bear on telomere, stem cell, and genetic research are confirming the ability of meditation and some other traditional practices to promote optimal health through stress reduction.’

Verder vond ik op PubMed de samenvatting van een overkoepelend Chinees onderzoek naar de effecten van qi gong, dat ik hier tot slot graag wil aanhalen:

‘A great number of clinical studies merging traditional Chinese medicine (TCM) and Western medicine have proved the complementary healing effects of qi-gong in medical science. Traditional Chinese respiration exercises help to regulate our mind, body and breathing and coordinate our internal organs, remove toxins and enhance immunity. Domestic and foreign studies indicate that qi-gong can relieve chronic pain, reduce tension, increase activities of phagocytes in coenocytes, improve cardiopulmonary function, improve eyesight, influence the index of blood biochemistry, etc.’

Vanwege de vele overeenkomsten, met name tussen qi gong en reiki, biedt dit artikel van Zhi Hu Li Za uit 2005 mijns inziens een goede routekaart voor nader onderzoek naar energetisch genezen in de westerse wereld.

(Dit artikel is ook gepubliceerd op www.spiriwiki.org).

Comments Off

admin op 7 July 2008 in Religie & Spiritueel

Als de dingen een verhaal krijgen of omgekeerd

Voor mij is alles dat oud is boeiend. Het begon met het zoeken naar pijpenkoppen uit de zeventiende eeuw op de Friese velden waar nu het nieuwe voetbalstadion van Heerenveen staat. De fascinatie is gebleven, mede door de Indiana Jones-films uit mijn jeugd, die ik nog steeds graag terugkijk.

Dr. Jones was jarenlang de meest bekende archeoloog die ik ken. Hij maakt het vakgebied spannend, je ziet hem ook nooit urenlang met kwastjes en krabbertjes prutsen, en hij komt op voor de goede zaak.

Maar ook Indy komt ook regelmatig in de verleiding, is het niet vanwege een prachtige vondst die hij koestert en voor zichzelf wil houden, dan wel door een verleidelijke en intelligente vrouw die zijn pad kruist (idem). Uiteindelijk doet hij altijd het juiste; kiest voor de wetenschap en niet voor de poen en voor de democratie en niet voor het fascisme. En voor de juiste vrouw.

Toen ik begin twintig was, heb ik ooit op een Grieks eilandje een bijzondere vondst gedaan. Nou ja, zo ongeveer. Ik voelde me een beetje Indiana Jones, balancerend op het onzichtbare pad boven de afgrond. Een ethische afgrond, dat voelde ik wel.

Op dat eiland was een monument voor Johannes de Evangelist. Op de weg er naartoe lagen stenen kisten van heiligen van een paar honderd na het begin van de jaartelling. Sommige lang geleden opengebroken door vandalen. Dat maakte me nieuwsgierig; het zou toch niet zo zijn dat er nog wat in lag?

Zonnebril af en turen. Niets te zien. Zaklampje erbij. Wat is dat? Even snel mijn arm erin als niemand kijkt. En ineens had ik twee botfragmenten in mijn hand, helemaal onder de oude spinnenwebben, waarvan het eerste stuk al snel verkruimelde.

Dat was mijn Indiana Jones-momentje. Het vervolg is minder fraai. Ik heb het botje, een stuk scheenbeen, weken later gewikkeld in handdoeken als een ordinaire grafrover twee keer door de douane gesmokkeld. Met het zweet op m’n rug en klamme handjes.

Een kwajongensstreek. Nu zou ik zoiets misschien niet meer doen.

Na het Griekse avontuur kreeg ik nog enkele malen te maken met archeologische opgravingen. Tijdens een liftvakantie door België en Frankrijk werd ik eens meegenomen door een jong stel universitaire docenten. Ze vertelden dat ze in een dorpje vlakbij met een groep studenten een stuk Romeinse weg met een begraafplaats aan het blootleggen waren.

Ik was enthousiast en in mijn steenkolen Frans vertelde ik dat ik culturele antropologie studeerde. Ze hadden aan een half woord genoeg. En hoewel ik er niet van overtuigd waren dat we elkaar helemaal begrepen, ging ik met ze mee. Reuze benieuwd uiteraard.

Ik werd uitgenodigd om mee te werken. Dat liet ik me geen twee keer vragen. Dus zat ik even later met kwastjes, een bakje met water en een schepje in de Franse grond te krabben. Eerst mocht ik een antieke pot met een diameter van zo’n 25 cm uitgraven die verticaal in de grond was geplaatst, vervolgens was het tijd voor het echte werk.

Toen was het de beurt aan een oude Romein. Hij lag hier al vele eeuwen te rusten en werd die dag met de nodige aandacht en respect door mij aan de oppervlakte gebracht. De schedel was ingeslagen of ingezakt, een lastig karweitje, waarbij ik in overleg de schedel niet heb uitgehold om verder verval te voorkomen.

De grote opgave was echter de ruggengraat, een verfijnd apparaat waarbij alle werveltjes voorzichtig moesten worden schoongemaakt. Een precies klusje, want te veel geweld zou de losse botten van hun plaats halen. Dat mocht natuurlijk niet gebeuren voordat alles goed in kaart was gebracht.

Op het moment dat ik bijna klaar was, na anderhalve dag, kwamen ze filmen namens de universiteit. Of ik voor de camera kon schatten hoe oud de persoon in kwestie was? Ik had geen idee, riep maar wat. Ze waren ontzet.

Ik een antropoloog en dan niet eens de leeftijd kunnen schatten? Vervolgens uitgelegd dat ik me als cultureel antropoloog bezig hield met hedendaagse exotische culturen. Met name de religie en mythologie, verwantschapssystemen en politieke en economische structuren van inheemse niet-westerse culturen. Niet met opgravingen, dat doen bij ons archeologen.

Er werd via via iemand bijgehaald die een beetje Engels sprak. Toen werd het ze duidelijk. Een misverstand, maar goed, het was wel mijn eerste zelfstandige opgraving en hij was eigenlijk best goed gegaan, zowel wat betreft de fraaie pot als de Romein. Dat kon niemand ontkennen.

Een aantal jaren geleden was ik tijdens een rugzakvakantie op reis door Egypte, Jordanië en Israël. Ook daar is genoeg ouds dat nog afgestoft en beschreven kan worden. In Jeruzalem, vlakbij de Russisch-orthodoxe kerk zag ik in een verlaten achterafsteegje een oude deur open staan. Ik zag een oude trap die stijl naar beneden voerde.

Ik stond net op het punt om te gaan kijken, toen er een man aankwam die vroeg wat ik wilde. Ik was razend benieuwd om te weten wat daaronder te zien was. Hij legde me het uit en ik mocht gaan kijken, bij wijze van hoge uitzondering.

De trap ging enkele tientallen meters naar beneden om uit te komen in een grot met daarin een strandje en een soort mini-meertje van een handvol vierkante meters, vermoedelijk verbonden met een oude stroom of bron onder de millennia oude stad. Heel bijzonder.

Later interviewde ik in Limburg voor diverse lokale media archeologen die met verschillende projecten bezig waren. Ook bezocht ik een uiteenlopende opgravingen in het buitenland. En elke keer weer voel ik het oude enthousiasme als de verhalen concrete onderbouwing krijgen of omgekeerd dingen de inspiratie vormen voor nieuwe verhalen.

Comments Off

admin op 13 November 2007 in Ongewoon & Anders

Nader onderzoek nodig naar ‘Tombe van Jezus’

Sommige boeken zijn het waard om door veel mensen gelezen te worden. ‘The Jesus Family Tomb‘ is zo’n boek. Het is een meeslepende en gedurfde ‘page turner’ die het lezen waard is. Na het verschijnen in de VS, en vooral na de uitzending van de op dit boek gebaseerde documentaire (die om onduidelijk redenen in Nederland nog steeds niet is uitgezonden), kwam een ware stortvloed van reacties op gang.

Veel commentatoren voelden dat hun geloofswaarheden werden ondermijnd en dit vertroebelde hun zicht op de werkelijkheid zodanig dat ze niet meer helder konden denken, zozeer waren ze onder de indruk van deze mogelijke bedreiging van hun zekerheden. Een andere groep mensen liep gelijk met het boek weg, ogenschijnlijk gefrustreerd door het eeuwenlange zwijgen en verdraaien door de kerk, een instituut dat zichzelf heeft benoemd tot hoeder van een heel krachtige boodschap die - ook als de feiten in dit boek waar zouden zijn - veel mensen nog steeds hoop en zingeving kan blijven bieden.

De derde groep is open en onbevooroordeeld en probeert de geboden informatie te plaatsen en te interpreteren door de argumentatie van de schrijvers te toetsen. Zij lezen in dit omstreden boek een boeiende speurtocht die opmerkelijk genoeg uitgaat van de letterlijke waarheid zoals beschreven in de vier evangeliën. Op grond daarvan merken de schrijver dat hun verassing dat er in de vorige eeuw een grafkelder is ontdekt die vanwege bouwwerkzaamheden snel is toegedekt. De erin gevonden ossuaria, beenderenkisten, blijken in een archeologisch archief te zijn opgeslagen.

Na bestudering van de inscripties op de kisten en voortdurend onderzoek, herontdekken de schrijvers de tombe en reconstrueren het waarschijnlijke verhaal dat tot de aanleg en de ontdekking ervan eind vorige eeuw heeft geleid. Dat hun korte bezoek aan de tombe vervolgens niet helemaal archeologisch verantwoord is, valt de schrijvers niet kwalijk te nemen, de omstandigheden in aanmerking genomen. Bovendien: zonder hun inspanning had de wereld er nooit van geweten.

Hun argumentatie en de uitkomsten van de wetenschappelijke testen zijn voor een leek behoorlijk overtuigend. De theorie is, in het kort, dat het in de periode van de historische Jezus gebruikelijk was om lichamen te laten vergaan in een tombe, waarna de beenderen vervolgens apart werden begraven in een kist. In de herontdekte tombe stonden ossuaria met namen van een aantal bekende hoofdrolspelers uit het Nieuwe Testament. Ook heeft daar het waarschijnlijke ossuarium van Jezus de Nazireeër, intussen nog slechts voorzien van enkele botfragmenten, ooit een plaatsje gekregen.

Een belangrijke vondst, als het waar mocht zijn, want Jezus was een man die het aanzien van de wereld enorm heeft veranderd – hoewel misschien via de kerk niet helemaal zoals hij het bedoeld had. De kerk, in Nederland bij monde van het Bisdom Roermond, was er dan ook als de kippen bij om de wetenschappelijke waarde in twijfel te trekken, ogenschijnlijk zonder de documentaire te hebben gezien of het boek te hebben gelezen.

Het enige argument waarmee het bisdom de katholieken weer in slaap wist te sussen was namelijk: Jezus, Jozef en Maria et cetera zijn veel voorkomende namen in die tijd. Ook het gezamenlijk voorkomen van de namen uit het Nieuwe Testament zou heel normaal zijn, puur toevallig en dus niet bijzonder. Anderen zeggen dat het dan net zo toevallig zou zijn om over een paar honderd jaar een graf te vinden met lijkkisten met de namen erop van alle spelers van het bekendste Amerikaanse football team. De combinatie van namen, gecombineerd met aanwijzingen uit de bijbel en feiten uit onafhankelijk onderzoek, is dus wel bijzonder. Onafhankelijk nader onderzoek naar tombe lijkt me dan ook zeer gewenst.

Comments Off

admin op 15 October 2007 in Boek & Meer, Religie & Spiritueel