Over de Rozenkruizers, een winterkoning en de wetenschap

De Rozenkruizersmanifesten deden begin zeventiende eeuw veel stof opwaaien in Europa. De allegorische verhalen over Christian Rosenkreutz propageren volgens Frances Yates een verlichte natuurwetenschap en godsdienstvrijheid, met de Palts onder bestuur van Frederik V als een ideale staat die hiervoor ruimte biedt en daarom steun verdient. Onlangs verscheen haar ‘De verlichting van het Rozenkruis’ uit 1972 in een erg fraaie editie bij Synthese.

Begin zeventiende eeuw zorgen de Reformatie en late Renaissance ervoor dat kleine groepjes mensen zich meer gaan richten op proefondervindelijk verkregen kennis dan op katholieke dogma’s over de werkelijkheid.

Deze natuurwetenschappers, sociale wetenschappers, kunstenaars, schrijvers en filosofen doen hun werk noodgedwongen ondergronds vanwege de dominante invloed van de katholieke kerk, die het protestantisme als een dwaling ziet, sympathisanten daarmee in de ban doet en van vrijdenkers al helemaal niets moet hebben.

In de mysterieuze Rozenkruizersmanifesten krijgen deze “onzichtbaren” een anonieme stem die luid klinkt tot in de uithoeken van Europa. Met steun uit protestantse hoek en geïnspireerd door wetenschapper John Dee willen ze vernieuwing op wetenschappelijk, cultureel en politiek gebied.

Ze verpakken hun krachtige boodschap in leerzame allegorische vertellingen met theatrale elementen over de vermeende stichter Christian Rosenkreutz en hun genootschap - wellicht in der aard te vergelijken met het bij vrijmetselaars bekende toneelstuk over Hiram Abiff.

Dankzij de opkomst van de boekdrukkunst zorgen de geschriften van de Rozenkruizers voor behoorlijke onrust in ontwikkelde kringen en aan de westerse hoven. Ze vormen vooral een bedreiging voor het morele en intellectuele gezag van de katholieke kerk en daarnaast van de algehele stabiliteit in het mede op religieuze gronden verdeelde Europa.

Na een aantal jaren verdwijnen de Rozenkruizers in de stilte waaruit ze gekomen zijn ondanks dat er in Europa honderden reacties in druk verschijnen en de speculaties over de leden en de werkelijke doelstelling van het genootschap op het dieptepunt ronduit hysterische proporties aannemen.

De Jezuïeten van “de Antichrist” suggereren op het laatst zelfs dat zij de Rozenkruizers zijn, dat verborgen genootschap, schijnbaar op basis van de bekende katholieke tactiek: bedreigende invloeden inkapselen wanneer onderdrukken faalt.

De studie van Frances Yates verklaart wat zich achter de schermen afspeelde en waarom het stil bleef. Het heeft te maken met de politieke en religieuze verhoudingen in Europa en vooral met het mislukken van een heel inspirerend politiek experiment, waaraan in bedekte termen wordt gerefereerd.

Deze werken roepen niet alleen op tot een wetenschappelijke omwenteling, ze vertellen ook het succesverhaal van keurvorst Frederik V die daar in de Palts alle ruimte voor bood.

Het bestuur van Frederik V duurt van 1610 tot 1623. In die tijd vormen de protestantse Palts een staat met relatief grote godsdienstvrijheid waar verlichte wetenschap en cultuur floreren. Het indrukwekkende Kasteel Heidelberg is dan een toevluchtsoord en wetenschappelijke tempel voor diverse onzichtbaren.

De problemen beginnen als Frederik V in 1619 koning wordt van Bohemen, dat in 1618 in opstand was gekomen tegen de rooms-katholieke keizer Ferdinand II die zichzelf dat jaar tot koning had laten uitroepen.

Ferdinand II gaat Frederik V in 1620 een lesje leren en verslaat hem tijdens de slag bij De Witte Berg. Hoewel Frederik V lid is van de Protestantse Unie laten de Europese protestantse prinsen hem stikken als zijn schoonvader koning Jacobus I van Engeland, een opportunistische zwakkeling, hem niet te hulp schiet.

Dan is het gebeurd en valt de liberale droom, die als voorbeeld geldt voor onder meer het gebied Venetië, in stukken. De keurvorst vlucht naar Den Haag, waar hij eindigt aan de Kneuterdijk en vanwege het bestuur van Bohemen, dat één winter duurde, wordt herinnerd als de Winterkoning.

In haar boek reconstrueert Frances Yates op scherpzinnige en originele wijze de bronnen voor het gedachtegoed achter de Rozenkruizermanifesten, waarvan de eerste gepubliceerd zijn in de hoogtijdagen van de Palts-tijd van Frederik V.

Duidelijk wordt, dat hier niet gaat om een marginaal esoterisch genootschap, maar om een groep wetenschappers die fictie gebruikten om hun omstreden denkbeelden te verspreiden, met de Palts als voorbeeld van een ideale, liberale staat - die steun verdient.

De broederschap van de Rozenkruizers zelf, als deze al bestond, telde waarschijnlijk slechts een handjevol mensen met goede contacten met protestantse drukkers, en was ogenschijnlijk aan dat doel ondergeschikt.

Uit haar studie blijkt ook dat de inspanningen van de Rozenkruizers niet moeten worden veronachtzaamd. Comenius is erdoor beïnvloed en later vormden “de onzichtbaren” zeer waarschijnlijk de inspiratie voor de befaamde Royal Society via diens schimmige voorloper “het onzichtbare college”.

Ondanks het mislukken van het politieke experiment in de Palts en in Bohemen, Praag was destijds een bruisend centrum van wetenschap en cultuur, hebben de historische Rozenkruizers schijnbaar zo hun belangrijkste doelstelling alsnog gehaald: de start van een nieuwe, proefondervindelijke manier van wetenschap bedrijven, voorbij de dogma’s van de katholieke kerk.

admin op 31 July 2012 in Boek & Meer, Religie & Spiritueel

Comments are closed.