Overzichtswerk: Mohammed in traditie woestijnvaders

De laatste twintig jaar wordt informatie over de diverse religieuze en spirituele stromingen wereldwijd in rap tempo voor de leek ontsloten. Het boek ‘Westerse esoterie en oosterse wijsheid – De esoterische traditie door de eeuwen heen’ (Ankh Hermes, 2010) is daarbij een bruikbare wegwijzer. Er valt veel in te ontdekken, bijvoorbeeld over Mohammed.
Bij de aankondiging van de publicatie werd inzicht in de samenhang tussen de belangrijkste religieuze stromingen, personen en onderwerpen beloofd. Ik verwachtte dan ook een doorwrochte en goed leesbare analyse waarin diverse lijnen op ingenieuze wijze verbonden zijn. Een boek dat de verschillende losse draadjes weeft tot een fraai wandkleed met op elkaar ingrijpende patronen van menselijke ervaringen met elkaar en met het hogere.
Die hooggespannen verwachting kwam niet helemaal uit. Het is meer een lappendeken geworden, een soort encyclopedie met overigens heel interessante bijdragen. Bij nader inzien ook niet zo vreemd. Als je erover nadenkt, hadden de schrijvers twee opties: een subjectief, geïntegreerd en heel uitdagend boek schrijven voor een geschoold publiek of een boek maken voor een doelgroep van leken met meer objectiviteit, minder diepgang en een veel hogere verkoopbaarheid. Dit boek neigt naar de tweede variant.
Afbakening in tijd, ruimte of thema is cruciaal bij het schrijven van een overzichtswerk als dit. Nu is gekozen voor alles dat invloed heeft gehad op westerse esoterie via rede, geloof en gnosis. De selectiecriteria zijn echter niet duidelijk omschreven.
Zo is er (vrijwel) geen aandacht voor het Germaanse geloof dat boven de rivieren lange tijd van grote invloed is geweest, net zo min als voor het Romeinse volksgeloof dat met name in Zuid-Nederland werd gepraktiseerd (wel wordt aandacht besteed aan de invloed van de Kelten). Dat is jammer, mede gezien de diverse archeologische bewijzen die het schijnbare belang ervan aantonen.
De gekozen indeling, op basis van de drie-eenheid rede, geloof en gnosis, is lineair historisch uitgewerkt. Beginnend met de oudste bronnen van onze beschaving, Egypte en Mesopotamië, wordt per hoofdstuk toegewerkt naar de huidige tijd. Tijdens die reis worden vooral in de eerste helft van het boek veel verbanden gelegd met het verleden. Sommige bijdragen lijken echter grotendeels op zichzelf te staan, al komt een deel van de informatie in de hoofdstukken over onze tijd weer terug.
De meeste bijdragen geven blijk van grote geleerdheid. Ze bieden soms interessante aanvullende stukjes informatie, als verborgen juweeltjes in een voor het overige redelijk bekend verhaal. Zoals van de schrijvers Jacob Slavenburg en John van Schaik verwacht kon worden, durven ze, met name als het gaat om christelijke onderwerpen, af te wijken van de recht-op-en-neer theologie zodat een meer evenwichtig beeld van tal van onderwerpen en personen wordt geschetst.
Een blik op het boek
Eén onderwerp wil ik er uitlichten en dat is het hoofdstuk over Mohammed en de islam. Mohammed wordt door de schrijvers als een mysticus beschouwd, in elk geval tot hij oorlog gaat voeren in 622. Met hun bijdrage over hem willen de schrijvers het heersende beeld van Mohammed bijstellen, wat dat ook moge zijn. Dit levert diverse interessante gegevens op, die nieuw zullen zijn voor veel niet-moslims. Met name zijn relatie met (vertegenwoordigers van) het christendom.
Zo blijkt dat de leraar van de islam ooit als profeet is aangewezen en is ingewijd door een christelijke monnik, Bahira, en dat hij in zijn jonge jaren regelmatig in een grot (Hira) mediteerde net als de christelijke kluizenaars van die tijd (de woestijnvaders). Mohammed erkende ook pas de authenticiteit van zijn openbaringen toen hij hiervan de bevestiging kreeg van de christelijke oom Waraqah van zijn eerste vrouw Khadhija dat deze passen in de traditie over Mozes.
Wat gebeurt er? Mohammed krijgt na drie jaar mediteren, hij is rond de veertig, een inzicht. Een visioen. Hij ziet - in mijn beleving - een fraai gekalligrafeerde tekst op een stuk perkament. De tekst in zwarte letters is in een hem onbekende taal. Hij herkent zelfs de sierlijke tekens niet. Misschien hoort hij ook een zware mannenstem die de tekst opleest. Het verwart hem als hij weer bij zijn positieven komt. Wat moet hij ermee?
De stem is van een engel, aldus de islamitische geschriften, en die engel zegt dat hij moet lezen. Mohammed reageert wanhopig dat hij het niet kan lezen. In zijn eerste biografie, een eeuw na zijn dood geschreven en bekend van een versie van rond 800, wordt gezegd dat de engel hem drie keer vastpakt en zegt:
‘Lees! In de naam van jouw Heer, Die jou heeft geschapen. Hij heeft de mens geschapen van een bloedklomp. Lees! En jou Heer is de meest Edele. Degene die onderwezen heeft met de pen. Hij heeft de mens onderwezen wat hij niet wist.’
Deze openbaring heeft overigens ook een keerzijde, weet Waraqah: ‘Dit is precies wat Mozes ook is overkomen. (…) Elke man die dit krijgt wordt vijandig behandeld’ (en eventueel zelfs het land uitgezet). Dat gebeurt later inderdaad, ook met zijn aanhangers, en een en ander leidt tot zijn eerste (bekerings)oorlog.
Onder christenen wordt Mohammed na zijn veroveringen enerzijds toegejuicht, (vanwege de herkenning van de christelijke elementen in zijn leer?), anderzijds - en dat verwijst naar die vijandigheid - als een valse profeet gezien (als Jezus, op wie (later?), net als bij Mohammed, oud-testamentische (joodse) teksten worden betrokken om hem te legitimeren).
Mogelijk heeft de opmerking van de christelijke Waraqah Mohammed uiteindelijk doen besluiten om zijn nieuwe geloof dan maar met geweld aan anderen op te leggen. Wie is hij om tegen de heilige geschriften en tradities in te gaan, zeker als het is voorzien? Een joodse legitimatie van de eerste gewelddadige islamitische expansie waarbij de pen werd ingeruild voor het zwaard?
Mohammed een christen
De paragraaf over christelijke stromingen in de Arabische wereld uit de tijd van Mohammed en daarvoor, de parallellen met de woestijnvaders en de magische bijbelse leeftijd van veertig waarop hij zijn grote visioen had; dit alles maakt het mijns inziens mogelijk om nog een stap verder te gaan. Het lijkt niet onwaarschijnlijk dat Mohammed is voortgekomen uit een christelijke beweging als de Monofysieten / Nestorianen.
Naspeuringen op internet wijzen erop dat dit idee, Mohammed als ex-christen, niet nieuw en ook niet zo vreemd is; het één volgt altijd uit het ander en profeten komen doorgaans niet uit de lucht vallen (behalve dan in mythologische vertellingen). In het boek van Slavenburg en Van Schaik wordt deze conclusie niet getrokken, het gaat hier en in het vervolg van deze tekst om speculaties van mijn kant.
Mohammed voorspelde de ‘antichrist’ (Dajjal, door latere islamitische commentatoren omgetoverd in een kleine, dikke, krombenige, dichtbehaarde, eenogige misleider en wonderdoener met vooral aanhangers onder joden en vrouwen). Iemand die is opgegroeid is met inheemse ‘heidense’ overtuigingen - dit wordt meestal over de achtergrond van Mohammed geschreven - zou zich vermoedelijk over Jezus de Christus niet zo druk maken.
Mohammed doet dat wel. De antichrist is volgens Mohammed iemand die Jezus boven god plaatst en verkondigt dat de kruisdood van Jezus de wereld heeft verlost. Misschien reageerde Mohammed hiermee wel op de paus of een andere (kerkelijke of wereldlijke) heerser uit zijn tijd (mede om zo acceptatie van zijn geloof makkelijker te maken?)? Vaak komen tegenbewegingen op in reactie op bijvoorbeeld verstarring, corruptie en machtsmisbruik binnen de dominante groep.
Verder is opvallend dat de jood Jezus volgens Mohammed bij zijn wederkomst van team is gewisseld en dan uitkomt voor de islam. Jezus zal de islamitische wetgeving overnemen, de Sharia, en de antichrist doden. En niet te vergeten alle andere christenen, behalve die in Jezus geloven (maar god bovenaan de Jakobsladder plaatsen) - een nogal ingewikkeld verhaal dat de complexiteit van zijn verhouding met het christendom lijkt te bevestigen.
Jezus lijkt dus dus bij zijn wederkomst niet op zijn eerste incarnatie, zoals wij die kennen, maar veel meer op de gewelddadige Mohammed uit de tweede helft van diens leven, na het cruciale (bijbelse) breekpunt van rond de veertig jaar. Mohammed schrijft zo schijnbaar via zijn eigen persoon de geschiedenis en de toekomst naar zich toe; de islam is in zijn lineaire visie beter dan het christendom.
Het lijkt of de profeet daarbij wilde teruggrijpen op het jodendom, met name op de verhalen over Mozes. (Even verder speculerend). Er zijn diverse overeenkomsten tussen beide mannen. Ook Mozes schroomde bijvoorbeeld niet om oorlog te voeren tegen andersgelovige tegenstanders. Zo werden de Midianieten onder aanvoering van deze joodse profeet praktisch uitgeroeid.
Jezus’ wederkomst vindt volgens Mohammed plaats op de berg Sinaï. Ook hier vinden we een verband met Mozes (en het joods-christelijke gedachtegoed). Mozes had op die plek (ook al rond z’n veertigste) zijn beroemde brandende braambos-visioen (de struik brandde maar verteerde niet; het innerlijk vuur in zijn levensboom werd ontstoken).
Vlakbij de (vermoedelijke) locatie waar dat gebeurde is een krachtplaats waar sinds zestienhonderd jaar in een klooster waardevolle (vroeg-christelijke) teksten worden bewaard. Ook in de tijd van Mohammed.
De berg Sinaï lijkt dus een logische plek voor Mohammed, de profeet van de god van het schrift, om Jezus te laten terugkeren. Midden in zijn (Egyptisch-joods-christelijke) traditie van profeten, pennen en zwaarden én in verbondenheid met Mohammed zijn grote voorbeeld Mozes.

admin op 7 March 2011 in Boek & Meer, Religie & Spiritueel