Archief voor January 2013

Ideologie en onderwijs, waar moet het naartoe?

Ideologieën zijn essentieel voor de zingeving, die weer richtlijnen biedt voor de omgang met elkaar en met onze leefomgeving, dus zou er in de primaire scholing aandacht voor moeten zijn. En blijven. De vraag is op welke manier.

In mijn jeugd waren er christelijke en openbare scholen. Zo eenvoudig is het niet meer.

De discussie over openbaar en bijzonder onderwijs wordt tegenwoordig gekleurd door de eisen van de overheid wat betreft vorming en schaalgrootte.

Het zogenoemde duale stelsel wordt op grond hiervan van binnenuit veranderd door pragmatische gelegenheidsverbanden, waarbij de scheidslijnen langzaam wegvallen. Het onderwijsveld is zoals altijd in beweging, maar een heldere richting ontbreekt.

Als iemand die niet geschoold is in deze materie, heb ik mijn gedachten hier eens over laten gaan, geïnspireerd door de afscheidsrede van VU-professor Siebren Miedema over dit onderwerp.

Als ik het goed begrijp, heb je scholen met een ideologisch bepaalde identiteit die tot uitdrukking komt in de voorgestane normen en waarden, de schoolbeleving van alledag (de sfeer, de omgangsvormen, de voorzieningen), en speciaal hiervoor ingelaste momenten, zoals vieringen.

Dit in contrast met openbare scholen - hoewel je ook zou kunnen betogen dat die impliciet de kennis die verkregen is via de hedendaagse wetenschap als een richtinggevende vorm van hoogste weten zien, ook een soort ideologie.

Daarnaast zijn er scholen met een bepaalde onderwijsvisie. Deze visies, een soort grote verhalen, verschillen van school tot school en bestrijken het gehele spectrum aan scholen.

Verder is er de door de overheid voorgestane vorming. Die is schijnbaar deels gericht op burgerschap; hoe word je optimaal voorbereid om effectief te functioneren in de samenleving.

Dit element van de vorming sluit aan bij de onderwijsvisie, die tegenwoordig wellicht meer marktgericht is vanwege het in het westen dominante neo-liberalisme.

De vorming heeft vermoedelijk ook een ethische component; hoe kun je goed, gelukkig en/of zinvol leven.

Een aspect dat mijns inziens past bij de ideologisch bepaalde identiteit, die in essentie te herleiden is tot geluksbeleving en/of het vermijden van lijden, maar, zoals gezegd, ook van invloed is op de sociale en ecologische belevingswereld.

En dan is er nog het godsdienstonderwijs - of hoe dat tegenwoordig heet. Dat is op ideologische scholen een op kennis gerichte verdieping van de ideologische component. Op openbare scholen is de invulling gericht op meerdere ideologieën (meestal religies).

Wat ik uit dit alles opmaak, een voor een leek verwarrend geheel met overlappende verhalen, is dat er sprake is van een waarden- en een stammenstrijd. Misschien wel van meerdere.

Het duale stelsel (geen of in de huidige situatie een religieuze ideologie) heeft als voordeel dat de ideologie op ideologische scholen beter wordt uitgediept.

Maar dat maakt van de leerlingen in dat (ideologische) opzicht eenzijdig gevormde wezens in een maatschappij die zeer veelzijdig en dynamisch is. Dat kan toch geen enkele onderwijsvisie of visie op vorming in redelijkheid willen bepleiten?

Misschien is er een tussenvorm mogelijk. Waarom niet in een waardenhiërarchie alle scholen op (de vierde) humanistische ideologie gronden (alle scholen worden bijzonder), met, een niveau lager, vrijheid van onderwijsvisie – mits die niet (op een andere wijze) ideologisch is onderbouwd / wordt ingevuld?

Godsdienstonderwijs, dat vooral kennis gericht is, zou, nog een niveau lager, kunnen worden ondergebracht bij (de te verplichten vakken) filosofie (reflectie) plus (niet ideologisch gekleurde) meditatie (beleving).

Het laatste zorgt voor een aantoonbare meerwaarde in het onderwijs, via groter welbevinden, inzicht en (direct of indirect) verbeterde studieprestaties (vorming).

De grote praktische vraag is natuurlijk is of het huidige stelsel ooit geheel volgens één “model” hervormd kan worden. Wellicht is dat mogelijk via eisen die worden gekoppeld aan de financiering door de overheden.

De huidige ideologische scholen zullen protesteren omdat ze moeten “inleveren”, de openbare scholen omdat ze een ideologie moeten omarmen, ook al is dat waarschijnlijk de meest universele in de westerse wereld.

Desondanks is een idee als dit op lange termijn misschien wel noodzakelijk voor het behoud van de diversiteit aan en vooral de onderwijskundig verantwoorde inbedding van ideologieën binnen het onderwijs.

Picture stolen from the site of the Ebenezer International School Bangalore.

Comments Off

admin op 26 January 2013 in Religie & Spiritueel

Over ’s Hertogenbosch, Maria en de draak

’s Hertogenbosch is gebouwd rondom een Keltisch cultuscentrum, rekening houdend met de energielijnen in de stad. Dat stelt architect Jan van der Eerden in zijn boek “Een middeleeuwse stad vol gulden energie – Spirituele opgravingen in ’s Hertogenbosch en andere daarmee verbonden plaatsen” (Stichting Cultuurfonds ’s Hertogenbosch, 2012).

Het cultuscentrum bevond zich op de plaats op de Markt waar eerder het Puthuis en een marktkruis stonden. Deze krachtplek, een axis mundi, is gesitueerd op een krachtige van west naar oost lopende energielijn, een zogenoemd drakenpad, waar ook de drakenfontein naar verwijst, die de stad doorkruist.

De stichters van de stad hebben hiermee rekening gehouden, veronderstelt Jan van der Eerden. Net als met de twee andere energielijnen in de stad die samen een driehoek vormen waarvan de punten liggen op de drie belangrijkste pleinen. Verder zou een later aangepaste versie van een Romeins grondpatroon zijn gebruikt, een campus initialis, en de levensbloem, bekend uit de sacrale geometrie.

Daarnaast heeft de schrijver een door mensen gemaakte energiering rond de oude stad herontdekt die overeenkomt met de grens van de uitstraling van de axis mundi op de Markt. Deze “gouden ring” was bedoeld ter bescherming en werd waarschijnlijk jaarlijks bekrachtigd met een ommegang langs verschillende staties, vergelijkbaar met de Maria-ommegang in de binnenstad, die overigens voert langs de genoemde driehoek.

Niet alleen de positie van pleinen en straten, ook die van diverse Bossche gebouwen is te begrijpen vanuit de door hem gereconstrueerde energetische blauwdruk van de stad, betoogt Jan van der Eerden. Met name gebouwen uit de gotiek en de neogotiek; binnen die stromingen was veel aandacht voor sacrale geometrie en geomantie.

Hij verduidelijkt zijn verhaal met voorbeelden uit binnen- en buitenland, tekeningen en berekeningen, mythologieën, fragmenten uit alternatieve wereldopvattingen en observaties van paragnosten. Ook vertelt hij over zijn strijd voor het behoud van het architectonisch erfgoed in ’s Hertogenbosch. Dit alles maakt zijn betoog niet eenvoudig om te volgen, wel buitengewoon boeiend.

Wat opvalt in dit verband, als we de argumentatie van Jan van der Eerden goed begrijpen, is de grote rol die de in 1318 opgerichte Illustre Lieve Vrouwe Broederschap, bekend van de gezworen leden de Zwanenbroeders, schijnbaar achter de schermen heeft gespeeld bij de ontwikkeling van ’s Hertogenbosch. Met gebruikmaking van de blauwdruk.

Door de bouw van de kathedraal in 1380, de “herontdekking” van een “wonderbeeld” van Maria een jaar later (sic) en een jaarlijkse Maria-ommegang (met een theatraal moment over Sint Joris en de draak bij de axis mundi) heeft de broederschap de stad via inkomsten uit pelgrimages en het stimuleren van bedrijvigheid een enorme economische, culturele en spirituele impuls gegeven. Honderden jaren lang.

De kathedraal, een ontwerp van een lid van de broederschap waarvan ook het Zwanenbroedershuis sinds 1483 op het drakenpad staat, was namelijk niet gelijk af. Er is nog tot 1529 aan gebouwd, een periode die grofweg samenvalt met de bloeiperiode van deze voor de verering van Maria opgerichte broederschap; tussen 1460 en 1530.

De realisatie van de gotische kathedraal was wat we nu een miljoenenproject zouden noemen. In die tijd telde de broederschap duizenden leden, onder wie heel machtige uit binnen- en buitenland. Dat zal niet geweest zijn vanwege de aflaten of het stimuleren van de lokale muziekcultuur. Het lijkt het erop dat de broederschap de club was om zaken te doen, met name in de (gotische) bouwwereld. De gotiek was toen erg populair.

Voor de gelovigen draaide alles om het “wonderbeeld” van Maria. Dat stond op de welddadige locatie waar het drakenpad de kathedraal doorkruist en eerder een beeld van Johannes de Doper een plek had gevonden. Maar, zoals in de kathedraal van Chartres, is er volgens Jan van der Eerden al gauw voor gekozen om een (zwarte) Maria de plaats te laten markeren waar de krachtige “hemelse” energie aan de aarde ontspringt als bron voor heling.

In 1629 werd het beeld weggehaald om politieke en wellicht ook spirituele en economische redenen; ’s Hertogenbosch was ingenomen door Frederik Hendrik. De ommegang werd afgeschaft en daarmee kwam de “motor” van de stad helemaal tot stilstand. Wat er gebeurde na de terugkomst in 1853 onderstreept de vermeende relatie tussen Maria-verering, pelgrimages, bedrijvigheid, bouwprojecten en de blauwdruk.

Al snel werd kathedraal weer een erg belangrijk pelgrimsoord. Maar wat pas echt een “mirakel” was: enkele tientallen jaren later raakte een nieuwe stroming in de architectuur in zwang, de neogotiek. Daarbij was ’s Hertogenbosch opnieuw één van de voorlopers, zoals eerder bij de (Brabantse) gotiek. En diverse toen gerealiseerde neogotische gebouwen passen binnen de blauwdruk, bijvoorbeeld de (verdwenen) Leonarduskerk.

Het zeer interessante en boeiende boek van Jan van der Eerden biedt een schat aan informatie en nodigt uit tot dit soort gevolgtrekkingen. Maar kloppen zijn conclusies ook? Of zijn ze het werk van een briljante “morosoof”, een geleerde dwaas, zoals Matthijs van Boxsel suggereert door de schrijver op te nemen in zijn in 2001 verschenen encyclopedie over dit onderwerp? Dat zou kunnen.

Veel waarschijnlijker is het, dat wij tegenwoordig niet meer het door en door religieuze, symbolische en magische wereldbeeld van de late middeleeuwers verstaan; de tekens niet meer kunnen lezen. En wat betreft het bestaan van energielijnen en krachtplaatsen: iemand die deze energie niet ervaart, zal daar nooit van kunnen worden overtuigd. Dat heeft niet te maken met ideologie of wetenschapsopvatting, maar met gevoeligheid.

Comments Off

admin op 17 January 2013 in Boek & Meer, Religie & Spiritueel