Archief voor November 2009

Private beleggers door banken om de tuin geleid

Rogér Stijnen (37) werkte jarenlang als senior accountmanager private banking bij twee grote Nederlandse banken. Hij regelde de financiële planning van onder anderen zeer vermogende particulieren en directeuren-eigenaren van ondernemingen. Geleidelijk kreeg hij wroeging over de mores in deze toonaangevende financiële instellingen. Voor Het Wijkkrantje in Sittard had ik een gesprek met hem over wanpraktijken in het bankwezen. Hij richt zich nu met een eigen bureau op mediation.

Volgens Stijnen is het gebruikelijk bij banken om klanten naar bepaalde beleggingsproducten toe te praten op basis van afspraken met grote partijen op de achtergrond, hoewel dat vaak niet in het voordeel van de cliënt is. Met andere woorden: de klant krijgt producten aangesmeerd die niet in zijn beste belang zijn.

Hiervoor kreeg hij van hogerhand instructies. ,,Dan moesten we bijvoorbeeld uitkomen op een bepaalde beleggingsportefeuille, terwijl het voor die ondernemer in die tijd veel beter was geweest om het geld in zijn eigen zaak te steken.

De zogenoemde onpartijdigheid van banken en andere hypotheekverstrekkers bestaat in werkelijkheid niet. Nu is er meer controle, maar dat is nog niet strak genoeg. Tien jaar geleden konden banken en tussenpersonen doen en laten wat ze wilden. Niemand keek hoe je je producten presenteerde en of je naar de belangen van de klant keek. Het eigen belang van de bank stond altijd voorop.

Hypotheekaanbieders claimen vaak dat ze onafhankelijk zijn en bijvoorbeeld een keuze bieden uit dertig of veertig aanbieders. Maar in negentig procent van de gevallen worden klanten nog steeds een bepaalde kant opgeduwd op basis van onderliggende afspraken met grote partijen”, aldus Rogér Stijnen.

Zijn verhaal staat niet op zichzelf. Enkele jaren geleden vertelde een hypotheekadviseur dat als aan het eind van het jaar de verplichtingen aan een bepaalde verstrekker niet zijn voldaan (de streefgetallen qua beloofde omzet), de laatste weken bij dit soort instellingen alleen nog maar producten van die partij worden geadviseerd.

Stijnen: ,,Dan riep mijn leidinggevende: ‘Ze moeten beleggen. Doe wat nodig is om ze naar de beleggingsmarkt te krijgen. We hebben die gelden nodig.’ Ik zei dan: ‘Dat doe ik niet’, maar het zijn vooral de bedrijfsbelangen waar je op afgerekend werd.”

Na veertien jaar bankervaring was hij naar eigen zeggen doorgegroeid tot het eindniveau. Hij had een goed betaalde baan en heeft z’n schaapjes op het droge. ,,Dan denk je: goh, wat gaan we doen. Ik moet nog dertig jaar en wat vind je echt leuk om te doen en waar loop je tegenaan.”

Stijnen, van huis uit bedrijfseconoom, realiseerde zich dat de praktijken bij de banken hem steeds meer zijn gaan tegenstaan. ,,Zo ben ik niet, dat wil ik niet. Dus stond ik voor de keuze: je zit op de trein en je rijdt mee of je springt eraf.”

De Sittardenaar sprong. Tijdens zijn scheiding, twee jaar geleden, kwam hij in aanraking met mediation en het sprak hem aan. ,,Familierecht heeft me altijd al geboeid. Ook bij klanten van de bank hield ik me bezig met echtscheidingen. Toen heb ik veel mooie dingen meegemaakt, die je op een bepaalde wijze ook vormen.”

Een half jaar geleden begon hij de opleiding tot A1-mediator, die hij nu heeft afgerond. Het juridische deel volgt hij via de Nederlandse orde van Advocaten, zodat hij over familierecht inhoudelijk evenveel weet als een advocaat. ,,De kern is, dat je de partijen zelf een oplossing laat verzinnen. Uiteindelijk levert dat meer bevredigende en duurzame oplossingen op. Mogelijk wordt mediation bij echtscheidingen zelfs verplicht gesteld in de toekomst.”

Vroeger was het gebruikelijk om met elk een eigen advocaat de scheiding via de rechter te regelen. Steeds vaker wordt er bij een gezamenlijk verzoek tot echtscheiding door beide partijen een advocaat in de hand genomen, maar meer mensen verkiezen een mediator boven een advocaat, aldus Stijnen.

Hij legt uit wat het verschil is: ,,Advocaten kijken eerst naar de juridische feiten, de inhoud en gaan dan kijken naar de belangen. Een mediator kijkt eerst naar de belangen en naar de relatie; het zogenoemde betrekkingsniveau. Daarna wordt pas over de inhoud gepraat.

Vaak zijn mensen verhard in hun standpunten. Daar wil een mediator ze van losweken. Dan doorvragen, alle schillen afpellen, tot je bij de belangen komt. Als die in kaart zijn gebracht, ga je naar de opties en kun je het proces afronden.

Het mooie van dit vak, is dat je het niet uit een boekje kunt leren. Het is een kwestie van doen. Als je te snel naar een oplossing wil, word je vaak teruggeworpen in het proces.”

In maart 2010 start hij in Sittard zijn praktijk Stijnen Mediation & Financiële Planning. Het tij zit mee, lijkt het. Het aantal scheidingen blijft oplopen en bedraagt intussen één op de drie, na een relatie van gemiddeld 7,5 jaar. Vorig jaar zijn 32.236 mensen gescheiden, waarvan zestig procent in de Randstad. Het aantal andersoortige duurzame relaties dat in 2008 verbroken werd, is naar schatting vergelijkbaar.

,,Ik verwacht over twee jaar, als het besteedbaar inkomen toeneemt, en we in Limburg de ontwikkeling krijgen die we nu al in de Randstad zien, een behoorlijke toename aan scheidingen. Nu blijven mensen vermoedelijk langer bij elkaar. Dat zal wel komen door de recessie; het mag niks kosten. Mensen willen wel uit elkaar, maar doen niks omdat ze bijvoorbeeld de eigen woning niet verkocht krijgen. Ze zijn zich nu veel meer bewust van de financiële consequenties.”

Anderen zien ook dat scheiden een lucratieve business is. Bijvoorbeeld de echtscheidingsbureaus en echtscheidingsplanners die onlangs negatief in het nieuws kwamen. Stijnen heeft er geen goed woord voor over.

,,Zij hebben vaak een all-intarief. Het zijn landelijk opererende internetbedrijven die de zaken vaak totaal fout afwikkelen. Ze hebben geen verstand van mediation en onvoldoende juridische en financiële achtergrond. Er zijn veel beunhazen in de markt actief, met alle gevolgen van dien. Daar wordt ook regelmatig over aan de bel getrokken bij consumentenorganisaties.”

Een andere trend, samenhangend met het toenemend aantal scheidingen, is de opkomst van de fusiegezinnen; alleenstaande ouders met kinderen die gaan samenwonen of opnieuw trouwen en weer kinderen krijgen. ,,Wat zijn de gevolgen op juridisch vlak, bijvoorbeeld als het gaat om erfenissen? Daar is veel in te doen. Als financieel planner signaleer ik dit soort zaken en verwijs vervolgens door naar de notaris, die daar specialist in is.”

Comments Off

admin op 25 November 2009 in Politiek & Media

Berry van Rijswijk: ‘Geen gelul over een slechte jeugd’

Berry van Rijswijk is sinds 1990 actief in de politiek, afwisselend als raadslid, wethouder of Statenlid. Op dit moment is hij wethouder in Sittard-Geleen met onder meer armoede, jeugdbeleid en cultuur in z’n portefeuille. De komende gemeenteraadsverkiezingen is hij lijsttrekker voor GroenLinks. Hij pleit voor elektrowagens, meer duurzame banen, onder meer in de zorg, en voor tolerantie.

Je hebt een indrukwekkende carrière in de politiek opgebouwd. Je bent zelfs één van de illustere personen met een eigen vermelding in de Wikipedia.

,,Klopt. Er is ook een Berry Fanclub, maar die heb ik er niet zelf opgezet.”

Wat is het geheim van je politieke succes?

,,Je moet nooit onvoorbereid naar een vergadering gaan. Voor ambtenaren is dat af en toe vervelend. Soms krijg ik belangrijke stukken pas op het allerlaatst. Dan zeggen ze: we kunnen er mogelijk politieke problemen mee krijgen. Goed zeg ik dan, geen probleem. Maar ga er maar vanuit dat ik het laatste stuk het beste heb gelezen, dat heb ik dan heel goed gelezen. Ja, in de loop van de jaren ben ik echt een politiek dier geworden.”

Wat typeert jou als politicus?

,,Alle burgers zijn voor mij gelijk, maar ik kom wel altijd op voor iedereen in de samenleving die wat meer hulp en bescherming kan gebruiken. Dat pas ook bij GroenLinks. Ik ben verder wars van vriendjespolitiek.”

Is dat laatste niet heel on-Limburgs?

,,Dat is een verkeerde kant van het Limburger zijn. Je moet zakelijk naar de dingen kijken.”

In de tijd van Dohmen en Langeberg werd de term Vriendenrepubliek gemunt. Onlangs viel die term weer, onder meer in relatie tot de CDA-perikelen in Susteren.

,,Je doelt op Herman Vrehen en Peter Pustjens? Ik vind dat ze heel domme dingen hebben gedaan, dat was niet verstandig. Niet recht door zee – zonder de vergelijking met Rita Verdonk te willen maken. Als politicus moet je op je qui vive blijven. Wel overal naartoe blijven gaan, je biertjes blijven drinken, maar geen handjeklap.

Binnen de oude KVP, één van de voorlopers van het CDA, was dat wel zo. Ons kent ons en we regelen wel wat. Ik doe dat niet, dat past niet bij mij. Zakelijke etentjes, dat is een broodje kaas. En als zakelijk puntjes op de ‘i’ gezet moeten worden, doe ik dat bij een kopje thee. Na de zakelijkheid kunnen we eten of een glas drinken maar tijdens de zaak niet. Mensen weten dat ook: dat hoef je niet te doen bij wethouder Berry, die is daar weinig gevoelig voor.”

Kun je in dat verband iets zeggen over het politieke klimaat in Sittard-Geleen?

,,Nu is het relatief rustig. Tot drie jaar geleden hadden we allerlei affaires et cetera. Er zitten veel mensen met oude pijn. Die pijn moet slijten. We staan aan de vooravond van de nieuwe verkiezingen en ik hoop dat mensen goed kijken naar wat partijen en lijsttrekkers voor hen én voor Sittard-Geleen willen betekenen; dat ze niet alleen maar kijken naar het eigen belang.”

Jij bent heel sociaal. Je was tussen 1986 en 1997 directeur van het Henk Schram Centrum voor kwetsbare jongeren in Eckelrade. Nu ben je als wethouder onder meer verantwoordelijk voor het armoede- en het jongerenbeleid.

,,Ik geloof in mensen. Ik neem geen afscheid van ze. Maar rotzakjes moet je af en toe een draai om de oren geven – figuurlijk dan. Ik geloof in een participatiemaatschappij; iedereen kan iets waardevols bijdragen aan de samenleving. Daarom ben ik ook beschermheer geworden van Voedselbank Limburg Zuid; kan ik af en toe eens een deur voor ze openmaken. We hebben verder als één van de weinige gemeenten een heel goed project om mensen te re-integreren. Dat heet het Participatiehuis. Sinds december 2008 zitten er al driehonderd mensen in dat circuit, dat wordt ondersteund door maatschappelijk werk, schuldhulpverlening et cetera.”

Is re-integratie wel een taak voor de gemeente? Daar zijn toch bureaus voor?

,,Een aantal van die bureaus heeft de afgelopen jaren goed geld verdiend, maar we kunnen een deel van het werk ook zelf. De gespecialiseerde organisaties waar we nu mee werken, doen dat op basis van no cure no pay. Duurzame banen. Niet drie of zes maanden de mensen laten werken en daarna weer terug naar de uitkering.”

Je hebt je als wethouder voorgenomen om twee miljoen te bezuinigen op de bijstand. Gaat dat lukken?

,,Drie jaar geleden is dat beleid ingezet, de recessie was toen niet te voorzien. Ik denk dat het nu niet meer kan. Twee miljoen, dat gaat zeker niet lukken. Nu kost de bijstand alleen nog maar meer geld. We proberen nu de groep uitkeringsgerechtigden zo klein mogelijk te houden en ervoor te zorgen dat zoveel mogelijk mensen aan de slag blijven. We willen voorkomen dat ze thuis gaan zitten. Ze moeten participeren. Over twee jaar, als de crisis achter de rug is, zijn ze, zeker met de huidige krimp, heel hard nodig, ook op de arbeidsmarkt.”

Tijdens de gemeenteraadsverkiezingen ben je lijsttrekker voor GroenLinks. Wat ga je doen als we op jou stemmen?

,,Ik kies eerder voor mensen dan voor stenen. Liever meer geld naar armoedebestrijding dan een nieuwe weg aanleggen. Niet meer asfalt erbij. Ik ga vooral inzetten op een stevig sociaal beleid en duurzame werkgelegenheid.”

Welke meetbare doelstellingen heb je daarbij?

,,Ik vind dat het wagenpark van de gemeente uit elektrowagens zou moeten bestaan. Dat moet er gewoon komen. Ook moeten er elektro-oplaadplaatsen in de stad komen. Ook moeten meer mensen worden opgeleid voor alle vormen van zorg; huishoudelijke zorg, verzorging en verpleegkundige zorg. Dat is goed voor de werkgelegenheid. En er moeten meer subsidiebanen komen. We zullen de komende jaren noodgedwongen ook moeten bezuinigen. Een deel van dat geld zou bijvoorbeeld in stadstoezicht kunnen worden gestoken. Kunnen er stadswachten van betaald worden. Zo investeer je ook in veiligheidsbeleving door te zorgen voor meer blauw op straat.”

Wat is voor jouw partij het hoofdthema van de verkiezingen?

,,Een belangrijk onderwerp is: met elkaar. We moeten toe naar een tolerante samenleving. Ik erger me dood aan die Wildersen. Geert Wilders probeert mensen tegen elkaar op te zetten. Als iemand iets fout heeft gedaan, een Nederlander, een Marokkaan of wie dan ook, dan geen gelul dat hij een slechte jeugd heeft gehad. Er zijn hier regels en daar houden we ons ook aan. We laten ons toch niet door vijftig ‘verveel-oren’ onze samenleving afnemen?

Een tolerante samenleving, daar staat Berry voor en alles dat fout is, als mensen zich niet aan de regeltjes houden, dat pakken we aan.

Laat dit duidelijk zijn: je moet van anderen afblijven. We praten in deze samenleving en als we het niet eens worden, gaan we naar de rechter. We spelen geen eigen rechter.

Maar tolerantie komt van twee kanten. Ouderen moeten ook leren dat jongeren bij de stad horen. En niet te snel bellen. Hebben we hier een evenement, Groove Garden, wordt gelijk geklaagd; overlast. Tjonge, jonge wat voor tolerantie hebben we hier?! Het moet niet elke week en te lang in de nacht, maar we moeten we de stad voor velen toegankelijk houden met leuke activiteiten.”

Hoe is het in Sittard-Geleen met overlast en hangjongeren?

,,Echte overlast en vernielingen, nou, daar heb ik een broertje dood aan. We hebben de hangjongeren hier nu redelijk goed in beeld. Er zijn wel groepjes her en der, maar echte uitwassen zoals in de Randstad hebben we niet. Wel zijn er wat ‘verveel-oren’ die af en toe dreigend overkomen, maar die slaan niet door. Excessen hebben we hier niet en dat wil ik graag zo houden. We hebben contact met de moskee, met jongerenwerk et cetera die de jongeren in de gaten houden. Als er iets zou broeien, zijn we er op tijd bij. Het helpt niet om voor politiek gewin mensen te beledigen en mensen tegen elkaar op te zetten.”

Is er een Wilders-achtige partij die in Sittard-Geleen aan de verkiezingen wil meedoen?

,,Voor zover ik weet niet, maar het baart me wel zorgen. Tijdens de Europese verkiezingen hebben procentueel veel mensen in Sittard-Geleen op Wilders gestemd.”

Voel je je hierdoor persoonlijk aangesproken?

,,Ja, ik vind wel dat ik daar iets mee moet. In Stadbroek, Lindenheuvel en Sanderbout hebben we goed beleid dat de mensen daar helpt. Ik laat mensen nooit in de kou staan. En hoe kan het dan potdomme dat ze daar dan toch massaal op Wilders stemmen? Als Wilders aan de macht komt, is het allemaal ellende. De mensen die nu op hem stemmen, moeten dan alles betalen. Verder gaat het in Nederland niet alleen om de islam. De PVV is een one issue party; een partij die vooral op één onderwerp inzet. Daar heb ik het niet zo niet op. De politiek moet zich met een heel breed terrein bezighouden.”

Misschien denken veel stemmers niet zoals de meeste politici? Extreme politici maken van een complexe zaak een eenvoudig probleem met een eenvoudige oplossing. Dat levert veel stemmen op.

,,Ik moet het schijnbaar toch nog beter uitleggen… Ik loop vier jaar keihard en dan vraag ik efkes één stem terug, dan ga ik weer vier jaar hard voor en met de burgers samen werken. En met plezier overigens; ik ben niet een man die de last van de hele wereld op zijn schouders draagt.”

(Dit artikel verscheen eerder in Hét WijkKrantje.)

Comments Off

admin op 6 November 2009 in Politiek & Media

Kundalini, de gevaren van niet-aarden

Vaak zijn we onbewust van de energieën die ons persoonlijke elektriciteitssysteem laten werken. Wanneer de kundalini wordt gewekt, is dat het begin van een proces met als hoogtepunt verlichting.

Voor mij was dat een immens wit zonlicht dat opkwam en langs de binnenkant van mijn schedeldak naar voren schoof, als een opgerichte cobra. Althans, ik breng die ervaring, die ik jaren geleden in India had, in verband met de term verlichting. Waarschijnlijk ervoer ik een soort lokale verlichting vanuit het kruinchakra. Van een vriend, die hierin veel verder is, hoorde ik dat anderen verlichting in relatie tot andere hoofdchakra’s ervaren.

Het was prachtig, maar ook angstaanjagend; de angst om als ego te verdwijnen, een soort angst voor de dood. Ik durfde ‘god’ niet aan te kijken. Wilde dat het stopte. Het kan natuurlijk ook zijn, dat mijn hersenhuishouding van slag was. Zoals bekend kunnen bepaalde ervaringen, met name hallucinaties, ook worden opgewekt door de hersenen rechtstreeks te prikkelen in een bepaald gebied. Het één sluit het ander natuurlijk niet uit.

Het proces van bewust worden, onderweg naar bewust zijn, is niet altijd gemakkelijk. Het biedt ons naar mijn overtuiging uiteindelijk de meest optimale situatie in dit bestaan of misschien wel van alle bestaansmogelijkheden, als de cyclus van wedergeboortes is voltooid. In dit bestaan, met één lichaam en diverse levens, of door diverse fysieke cycli af te ronden en zo te groeien.

De hemel, daar heb ik het over, is voor mij dus niet ergens achter een verre horizon, en uitsluitend voorbij de fysieke dood, maar is gesitueerd op een plek voorbij ons huidige zelf, in het nu. Een plek die nu en na de dood van het lichaam kan worden betreden. Of die we kunnen zijn.

In ons ontwikkelingsproces hier op aarde, op weg daar naartoe, zijn we een beetje als de bekende slak in de put, denk ik. De gevolgen van onze veranderingen zijn dus geen duurzame verbeteringen; ook een heilige kan weer afzakken in de put.

Het is dan ook niet toevallig dat Mikao Usui, de grondlegger van de huidige reiki-beweging – net als veel andere stichters van wat later wettische religies zouden worden, denk aan Mozes - zijn cursisten een aantal leefregels meegaf; dat was om te voorkomen dat ze terug zouden zakken in de spreekwoordelijke put.

Het proces is niet makkelijk. We zijn als volwassenen niet meer de onbeschreven bladen uit onze babytijd, toen de slang van energie, de hoofdverbinding tussen hemel en aarde in ons lichaam, meestal nog wakker was. Er zijn intussen vaak diverse obstakels gecreëerd, die moeten worden (weg)genomen om het maximale te realiseren. Dit reinigingsproces, waardoor we vaak weer een stukje zakken, wordt mede in gang gezet door de gewekte slang. Vanuit het bekken komt de slang, ook wel kundalini genoemd, omhoog.

Het aan het licht brengen van deze obstakels zorgt voor energetische ontregeling van ons bestaan, met vaak fysieke en psychische symptomen als gevolg. Deze kunnen heel heftig zijn. Ze zijn soms maar door een dun lijntje gescheiden van ziektebeelden waarvoor een goede psychotherapeut of psychiater een betere begeleiding vormt dan een doorsnee cursusleider.

Met name wanneer de aarding onvoldoende is, en het ontwaken te zeer wordt geforceerd, kunnen allerlei onwelkome problemen ontstaan, die bedrieglijk lijken op welkome spirituele ervaringen. Van het horen van stemmen (ook een psychotisch fenomeen) tot en met schijnverlichting door een geëxplodeerd ego (denk aan het Jezus Syndroom; met die diagnose worden elk jaar tientallen mensen opgenomen in inrichtingen in Jeruzalem).

Een tijdje geleden is een boek verschenen over kundalini, de gevolgen van het ontwaken hiervan en de gevaren die hiermee gepaard gaan. Een waardevol boek, nu deze ooit geheime kennis intussen voor een habbekrats op elke hoek van de straat te koop is (en online staat), maar goede begeleiding amper voorhanden.

Het is dan ook niet voor niets dat deze kennis millennia lang vertrouwelijk werd gehouden, los van de politiek-strategische argumenten hiervoor; de gevaren voor de psychische gezondheid zijn groot als de begeleiding te wensen over laat.

Het boek heet ‘De Kundalini-kwestie’, verscheen bij Synthese, en is vooral opvallend door de vergelijking van verschijnselen en gedragingen die optreden als gevolg van ontwakende kundalini-energie met ziektebeelden zoals die worden omschreven binnen de psychotherapie en de psychiatrie.

Ik was al jaren op zoek naar zo’n boek. Waar liggen bijvoorbeeld de grenzen tussen ‘gek’ (tegenwoordig zijn daar heel fraaie omschrijvingen voor), goddelijk geïnspireerd en bezeten? Gek is hier bedoeld als lijdend aan denkbeelden die niet constructief of geaccepteerd zijn volgens de normen en waarden in een samenleving.

Het boek van Kampschuur en Van Beckhoven bestaat uit informatieve artikelen en persoonlijke verhalen die quote-quote zijn opgeschreven. Met name de persoonlijke verhalen zijn heel leerzaam, al kun je soms vraagtekens stellen bij het wereldbeeld en de interpretaties van mensen.

Niet elke tegenslag is een spirituele test, al kan het wel zo worden opgevat als je heel leergierig bent. Ook betekenisverlening op basis van synchroniciteit is gevaarlijk; deze lijkt mij alleen effectief binnen een zeker wereldbeeld en dat is gelijk ook de zwakte ervan - waardoor de hiervan afgeleide eenheidservaring soms vooral in het zelf wordt beleefd en niet in volle verbinding met de omgeving.

In het boek staat een aantal belangrijke handreikingen om problemen te voorkomen. De voornaamste is aarden; je energetisch verbinden met de aarde om te voorkomen dat je gaat zweven, met je hoofd of meer buiten je fysieke lichaam gaat leven.

Een kenmerkend gevolg van dit zweven is een spreekwoordelijke vlucht in ‘het spirituele’, plus het negatief beoordelen van het lichaam, terwijl een gezond lijf bewezen een goede basis is voor gezonde spiritualiteit.

Het aarden zou al gelijk moeten beginnen bij het wekken van de slangenkracht. Te vaak, concluderen de schrijvers, wordt in diverse meditatiescholen nog teveel de nadruk gelegd op het ontvangen van energie via het kruinchakra, ‘de hemelse energie’.

In verband hiermee wordt reiki genoemd. Naar mijn mening onterecht, omdat ook in deze veelzijdige gemeenschap de kennisontwikkeling niet heeft stilgestaan. Mogelijk was dit soort eenzijdige leringen in Nederland een tiental jaren geleden wel gebruikelijk, dat weet ik niet. Tegenwoordig wordt, voor zover ik weet, ingezet op de verbinding tussen hemel en aarde.

Ook andere meditatietechnieken die kunnen leiden tot ontaarden, vaak resulterend in neurotisch en psychotisch gedrag of gedrag dat daarmee vergelijkbaar is, gedrag dat soms bewust als een onderdeel van het ontwaken geforceerd wordt opgewekt, worden in het boek besproken op basis van ervaringen en literatuuronderzoek. Van TM tot diverse yoga-vormen.

Hoewel heel interessant, zijn het te veel om hier aan te halen. En toch zou ik dat eigenlijk moeten doen. Waarom? Het lezen van dit boek zou ertoe kunnen leiden dat mensen iets minder snel en onnodig het reguliere therapeutenbos worden ingejaagd waar aan elke boom andere pretpillen hangen.

Aan de andere kant moeten we ervoor waken dat werkelijke psychosen en neurosen nu ineens allemaal als spiritueel worden beschouwd en daardoor verwaarloosd, met alle rampzalige gevolgen van dien.

Het komt volgens mij al te vaak voor dat spirituele types eigenlijk reguliere therapie nodig hebben. Zo heb ik ooit uit eerste hand tenenkrommende verhalen gehoord over reikimasters uit de beginperiode van reiki in Nederland, die meenden dat ze ver boven andere mensen stonden en dat ook lieten merken.

Dit soort zweverijen is koren op de molen van de geschoolde materialisten die het god-verhaal afdoen als een achterhaalde historische verklaring van eerder onbegrepen verschijnselen; god als een kalf en de groeiende westerse wetenschap met Ockhams scheermes die er steeds een stuk vanaf snijdt en dat opeet.

Vaak spoelen deze materialisten met hun benepen godsbeeld (dat net zo anti-spiritueel is als dat van veel spirituelen anti-intellectueel) ook de ervaringen van miljoenen andere weldenkende mensen met het goddelijke / met kundalini door het laboratoriumputje. En dat is jammer. Het boek van Kampschuur en Van Beckhoven ontleent zijn kracht juist aan die verhalen. Het zijn universeel menselijke verhalen over bewust worden, onomwonden en in hedendaagse taal. Kopen, dat boek.

Comments Off

admin op 2 November 2009 in Boek & Meer, Religie & Spiritueel